Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het ijverigst waren om brandstof aan te dragen voor het vuur dat hem moest verteren. Deze Joden waren lasteraars in de vijandschap en verachting, welke zij jegens Christus en zijn volk koesterden en openbaarden, en ten gevolge van die lastering waren het valsche Joden, eene Synagoge des Satans. »Want hij is niet een Jood, die het in het openbaar is; maar hij is een Jood, die het in het verborgen is." Het is dus een antichrist met twee hoornen, door wien deze kleine gemeente gestooten, beroofd, onderdrukt en vertreden werd, eene arme, krachtelooze, verdrukte gemeente, maar rijk in goddelijke genade, welbehagelijk aan God, en vertroost met de blijde hoop der toekomende wereld, daar zij in deze niet dan lijden te verwachten had.

De gemeente te Pergamus draagt in haren naam het denkbeeld van een toren, en ook van een huwelijk.') Het is eene goede beschrijving van eene gemeente, die zeer nabij het midden van het rijk der duisternis is, en aan vereeniging met het vleesch toegeeft, gelijk dit in Pergamus het geval was. Daar bevond zich de troon des Satans, de grootste vergaderplaats van heidensche gruwelen. Deze gemeente had geloof, en moed, en volharding, en getrouwe getuigen van Christus; maar er waren in haar midden ook eenige van de ergste elementen. Men vond er eenigen, die een leerstelsel hadden, hetwelk overeenkwam met de leeringen van Balaam, door wien Israël verleid werd tot hoererij en afgodendienst. Dan waren er, die een ander stelsel hadden, waartoe ook het gewelddadig heerschappij voeren over de gemeente behoorde. Zij heetten Nicolaïeten of volksveroveraars. Het was eene gemeente, waarin een toren van onrechtvaardige aanmatiging was, en die uit

') Donegan vertaalt p u rgos: toren; gamos: bruiloft; tapergam o b: verhevene of hooge dingen.

Sluiten