Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Reeds in 1861 bleek die behoefte te bestaan, want op 21 Augustus werd door den gemeenteraad van Den Ham goedgevonden een school te plaatsen aan 't Overijsselsche kanaal, nabij Vroomshoop. Het besluit in de buurtschap Magele aan 't zijkanaal naar Gramsbergen een school te bouwen, had de Raad al genomen 22 October 1860. Op 6 November 1861 werd grond gekocht met 't oog op den bouw van een school en onderwijzerswoning van twee predikanten, n.1. Ds de Moen tot 1860 Christelijk Afgescheiden predikant te Den Ham en Ds te Bokkel, Christelijk Afgescheiden predikant te Ommen. De school daarop verrezen, is geopend in 1863. De ouderen onder ons hebben haar goed gekend. De woning voor het hoofd der school is trouwens pas het vorige jaar afgebroken.

De Raad duidde het stuk grond, waarop de school werd gebouwd aan als gelegen bij Vroomshoop, waaruit blijkt, dat de naam Vroomshoop toen nog alleen gegeven werd aan een heuveltje, aan het eind van de Zandstuwe, even ten Westen van onze kerk, met de naaste omgeving daarvan. Ons kerkgebouw is dus in het oorspronkelijk Vroomshoop geplaatst. Toch is die naam dominee rend geworden. In de eerste 10 jaren schreef men Vroomshoop of Hammerveen, maar later alleen Vroomshoop.

In het boek „Overijssel", samengesteld onder redactie van Mr. G. J. A. van Engelen van der Veen, Mr. G. J. ter Kuile en R. Schuiling, wordt door Ir. S. L. Louwes het veengebied dat ten Zuiden wordt begrensd door Vriezenveen, ten Oosten door Tubbergen, ten Westen door Den Ham tot aan Bergentheim en Brucht in het Noorden „Het gebied van Vroomshoop" genoemd.

Wat de naam „Vroomshoop beteekent en met welk doel die oorspronkelijk is gegeven, staat niet vast. 't Meest wordt aangenomen, dat 't woord is gevormd van de uitdrukking: de hoop der vromen.

Volgens sommigen is die naam door de monniken van het klooster te Sibculo het eerst gebruikt, die de vaste grond aan deze zijde van de veenmoerassen de hoop der vromen zouden hebben genoemd. Anderen zeggen, dat de monniken, na de verlating van het klooster in 1580, hier een schuilplaats hebben gezocht en tijdelijk ook bezeten en dat daaraan de naam ontleend zou zijn. Volgens de overlevering door Ds Meuleman aan de gemeente medegedeeld op de herdenkingssamenkomst, stamt hij eerst uit de dagen der verachting en versmading der z.g. afgescheidenen, die „het vrome hoopje" werden genoemd, waaraan deze wijk van de gemeente Den Ham haar naam zou ontkenen.

Ontstond hier dus ± 1860 vrij snel een bevolkte kolonie, idyllisch wonen was het hier toen nog niet, vooral met het oog op den toestand der wegen. In 1877 werd zelfs nog door de ingezetenen een gezegeld adres aan den gemeenteraad gezonden om verbetering van den weg aan weerszijden van de school bij Vaartjes te verzoeken, die blijkbaar in erbarmelijken toestand verkeerde. Het adres was o.a. onderteekend door T. Visscher Hzn. In 1873 was een adres aan den Raad gezonden met het verzoek, om een school

Sluiten