Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden en opgroeien, die straks op een afstand leven van hun ouders. Er is een niet begrijpen tusschen hen en hun vader en moeder, dat voor beiden smartelijk wordt. Dat is eigenlijk de toestand, waarin Kerk en Jongeren zich thans bevinden. De Kerk is traag in het verstaan van de jeugd, die tot haar behoort. En ingrijpen, de helpende hand toesteken aan het zich ontwikkelend leven in haar huis, het ligt de Kerk niet. Haar bestek is zoo slecht op het jonge leven van nu ingesteld. Naast elkaar leven Kerk en Jongeren ieder hun afzonderlijk bestaan.

De Kerk is ook niet meer gewend om dit leven te verzorgen. Vereenigingen zijn tot Bonden uitgegroeid. Sommige daarvan hebben nog wel het oog naar de Kerk gericht. Anderen ontwikkelen zich vrijwel naar een eigen doelstelling. De Jongeren, die zich tot de Kerk blijven rekenen, die onder invloed van hun ouders zich laten leiden om de catechisaties te volgen, of die naast hun vereeniging of club uit eigen beweging de kerkelijke leering nog blijven bezoeken, zij zijn er toch zich allen min of meer vaag van bewust, dat het rammelt, dat er iets hapert aan de kerkelijke opvoeding.

Iedere leeraar, elke Gemeente, is zoo vrij in de wijze, waarop dit kerkelijk onderricht plaats vindt. Talloos vele zijn de manieren van uiteenzetten der godsdienstige gedachten. Van een boodschap voor de Jongeren is wéinig bewustzijn. In de meeste gevallen is er willekeur. Achter de persoonlijke opvatting van den leermeester verdwijnt menigmaal de zaak, waar het om gaat: het plaatsen van den levenden Heiland tegenover het zich bewustwordend jonge leven.

En de Jongeren gaan dit hoe langer hoe meer doorzien. Het onderricht der Kerk geraakt in het gedrang. De noodzakelijkheid ervan is bij velen een open vraag geworden. Bij anderen reeds gansch en al verdwenen. De meesten achten de sfeer van elkander vragend en beluisterend helpen op het geestelijk

Sluiten