Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maar wie zijn tot dezen dienst geroepen? Wie zijn de ambtsdragers in de Kerk? Het eerste antwoord moet luiden: ieder lid der Kerk zonder eenig onderscheid. Christus regeert zijn Kerk allereerst door het algemeen priesterschap der geloovigen. Zondag 12 van den Heidelbergschen Catechismus noemt terecht het ambt van Christus en het ambt van den Christen in één verband. Na in vraag en antwoord 31 gehandeld te hebben over het drievoudige ambt van Christus, wordt in vraag en antwoord 32 de opsomming van de drie ambten van den geloovige daaraan toegevoegd. Hij heeft deel aan de zalving van Christus en is daardoor profeet om Christus' naam te belijden, priester om zichzelven tot een levend dankoffer Hem te offeren, en koning om hiernamaals eeuwig met Hem te regeeren. Alle geloovigen zijn zulke ambtsdragers in hun onderling verkeer en in hun omgang met anderen. De vader is het in zijn gezin, de onderwijzer in de school. Ook in de Kerk is ieder lidmaat in dien zin ambtsdrager. Daar heeft hij de roeping tot het getuigenis. De dienaar des Woords spreekt niet alleen tot de gemeente, maar ook namens de gemeente. Daar heeft hij de plicht om te waken voor de zuiverheid der prediking.

Hier ligt de tweede reden, waarom de Roomsche hiërarchie moet worden afgewezen. Wij hebben dat zooeven gedaan op grond van de verkeerde verhouding tusschen den Roomschen geestelijke en Christus. Wij doen dat thans nogmaals op grond van de verkeerde verhouding tusschen den Roomschen geestelijke en den geloovige. De Roomsche Kerk onderscheidt geestelijken en leeken. Ook de instelling van het zoogenaamde leekenapostolaat heeft dat principieele verschil niet kunnen wegnemen. Maar ook dit is nogmaals in strijd met het koningschap van Christus over zijn Kerk. Wij moeten vollen ernst maken met het algemeen priesterschap der geloovigen, waardoor Christus

ZÜn Kerk repeert. Naast dit ambt aller crelonvicren is er pchter

Sluiten