Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bi) die sloot, waar je niet alleen over durfde te gaan als we naar den molenaar gingen, maar als Je over de plank liep, stond ik immers aan den éénen kant en ik hield je zoo ver mogelijk vast en dan kon je meteen de hand van den molenaar grijpen, die aan den anderen kant stond. —

Niet alleen kinderen zien er tegen op, dien gang alleen te doen.

Men denkt aan God en men beseft, inderdaad met Hem te doen te hebben, 't Is alsof God nooit zóó reëel geweest is als nu, alsof het vroegere denken aan God inderdaad slechts een „denken" was en God niet meer dan een „denkbeeld". Maar nu wordt het de allergrootste ernst, men weet zich door Hem aangesproken. En hoe zal men Hem kunnen antwoorden? Hoe zal men in Zijn licht kunnen staan? Naar alle kanten loopen de lijnen. En de gedachte aan den dood is niet gemakkelijk te dragen.

Wat heeft men noodig om onder dezen last niet te bezwijken?

Een antwoord, dat men op deze vraag slag op slag hoort geven, zegt: „vóór alles heeft men berusting noodig."

Dit antwoord is zóó gewoon, dat het blijkbaar wel heel diep in het algemeen bewustzijn is doorgedrongen.

Het wil mij om twee redenen niet bevredigen. Ten eerste wijst het niet altijd in de goede richting en voorzoover het wel in de goede richting wijst, gaat het niet diep genoeg.

Immers: als men onder berusting verstaat dat men zich maar klakkeloos voegt in wat men nu eenmaal onvermijdbaar acht, dan meen ik te mogen zeggen, dat dat lang niet altijd van ons wordt gevraagd. Wij mogen

2 Omgeploegd

Sluiten