Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

,2)E GOEDE HERDER

Joh. 10 : 11

Er was een kleine Jongen, die bij zijn bed een plaat had hangen van den goeden herder. Op die plaat was de herder voorgesteld, zooals hij het lam, dat te moe was om verder te gaan, in zijn armen genomen had en mee droeg langs de wegen. Eiken avond, vóór hij ging slapen, keek de kleine Jongen naar de plaat; dan kwam er een sterk gevoel van veiligheid over hem en zóó sliep hij in. Het was hem zeker, alsof hij zelf door de teere en sterke armen van den Herder gedragen werd. —

Blijven we eigenlijk niet altijd kinderen? Hebben ook wij niet noodig, ons gedragen te weten in de beveiligende armen van den goeden Herder? Wij kunnen zóó moe zijn, dat we geen kracht hebben om verder te gaan. Het donker — welk donker dan ook — kan ons verschrikken. Maar de goede Herder is erl Als wij dan maar de stem van dien Herder hooren, die gezegd heeft: Ik ken de Mijnen en niemand zal hen uit Mijne hand rukken.

Dan komt de groote vrede in ons hart, waaraan wij zoo groote behoefte hebben.

Sluiten