Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vorming te oefenen? Meent niet, dat ik, alzoo sprekende, m u den dwazen en ijdelen waan wil voeden, als ware Nederland boven andere landen door God geliefd; en dat ik ons volk, bij uitsluiting, Gods volk wil genoemd hebben. Want hoe zoude ik het mogen, zonder aan Gods regtvaardigbeid te kort te doen? Maar, dat ik alzoo spreek, is om u te doen gevoelen, wat bijzondere drang voor Nederlanders bestaat, om, bij de gedachtenis van de uitvinding der Boekdrukkunst , te roemen in Gods genade. Want, wat onderscheidt ons? Ziet, daarom verheugde het mij zoo vele vreemdelingen ter feestviering naar ónze stad te zien zamenkomen, in welke "de uitvinding gedaan is, door welke het licht over de aarde verspreid wordt, omdat Nederland en Haarlem mij dierbaar zijn. En daarom heb ik alle vrijmoedigheid, met een beroep op uwe vaderlandsliefde, u op te wekken, om, gelijk gij zijt voorgegaan in feestvreugde, zoo ook voor te gaan in de verheerlijking van Gods groote genade, en in te stemmen in de uitboezeming van den Psalmdichter, als Nederlanders en als burgers van Haarlem, met de gedachte aan de uitvinding der Boekdrukkunst: Loofden Heer, mijne ziel! en al wat binnen in mij is, zijnen heiligen naam f

Alzoo heb ik u doen opmerken, welke bijzondere aanleiding tot Godverheerlijking er voor ons bestaat, en als Christenen, en als Hervormden, en als Nederlanders, in de uitvinding der Boekdrukkunst, die wij, in de'vereering der nagedachtenis van haren uitvinder, feestelijk herdachten. Maar hoedanig moet nu deze Godverheerlijking zijn? Dat is eene zeer belangrijke vraag, die ik nu in het andere deel mijner toespraak ga beantwoorden, waartoe mij het woord van den Psalmdichter de aanleiding geeft, en waarbij ik uwe bijzondere opmerkzaamheid durf vragen.

Sluiten