Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vijf-en-twintig jaar ijdel bleek, evenmin hunne blijde feestviering ijdel geweest is* In het heden ligt de toekomst; mogt deze, wat God verhoede, de proef op de som

vergen — wij hebben de ware kern der natie, de mannen van woord en daad, op nieuw leeren kennen, en wij vreezen de toekomst niet!

AANHANGSEL.

UITTREKSEL uit het Gemeenteraads-Verslag van 29 Aug. 1856, laatsten dag der Feesten.

(Uit de Atntterdamsche Courant van 30 Aug. 1856.)

De Voorzitter zegt, van deze eerste raadsvergadering na de belangrijke handeling deze week in de hoofdstad geschied, gebruik te maken, om aan den raad in de eerste

Slaats mededeeling te doen van den inhoud er perkamenten rol, hem jl. Woensdag door Z. K. H. prins Hendrik der Nederlanden overhandigd, en waarbij het gedenkteeken aan den volksgeest van 1830/31 door het hoofdbestuur der vereeniging Het Metalen Kruis aan de stad wordt ten geschenke gegeven. Na voorlezing van dat dokument, wordt het voorstel des Voorzitters, dit gewigtige en keurig bewerkte stuk in eene lijst te doen zetten en aan den stads archivaris ter bewaring te geven, aangenomen.

Daarna zegt de Voorzitter dat, hoewel het zijne roeping niet is breedvoerige melding te makeu van de feesten deze week alhier gehouden, daar alles door de ingezetenen eu dus ook door de raadsleden is gezien en gehoord, hij echter meent de verwachting en de hoop te mogen uiten, dat de indruk van hetgeen geschied is heilzaam zal blijven voortwerken en voortleven in aller harten.

Vervolgens deelt de Voorzitter mede, dat de op 26 dezer alhier gehouden volksfeesten algemeen de goede verwachting overtroffen hebben die men er van had opgevat; dat de geest van orde en betamelijkheid, de zucht tot medewerking en handhaving der orde, aan den dag gelegd door de

vele duizenden die op het Punen en nabij de Eaambarrière verzameld waren, in het oog loopend en zeer te prijzen was. Spr. voegt er bij dat deze spelen een nieuwe bijdrage hebben geleverd tot de waarheid dat er openbare volksvermakelijkheden kunnen gegeven worden, die het volk genoegen doen, zonder te ontaarden in bacchanaliëa die dikwijls te betreuren zijn: immers, misbruik van sterken drank was niet waar te nemen, en op het voor de spelen bestemde terrein was het gebruik daarvin zelfs verboden. Eindelijk zwaait de Voorzitter lof toe aan de veertien heeren die de feestkommissie hebben gevormd, voor de voortreffelijke leiding die zij aan de volksspelen hebben gegeven. Op 's Voorzitten voorstel wordt besloten aan die heeren van stadswege daarvoor dank te betuigen.

De heer Cool vat het woord op en betuigt zijnen dank aan den voorzitter, voor de wijze waarop deze, als hoofd van het gemeentebestuur, in de laatstverloopen dagen in deze stad heeft gehandeld; hij zegt dat men den voorzitter heeft zien handelen en hooreu spreken, en brengt hem hulde voor de woorden door hem geuit, toen hij in zijne toespraak zica«bewoog op een terrein , dat hem gelegenheid gaf dank en lof te brengen aan Hem Die de volken leidt.

De Voorzitter verklaart zich erkentelijk voor de welwillende woorden, hem door den vorigen spreker toegevoegd.

Sluiten