Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den kerkeraad van Görlitz den raad om van heel deze historie en van den daaruit voortvloeienden nood mededeeling te doen aan de Commissie voor de Jodenzending der Vrije Kerk in Schotland, met de vraag: wat een kind moet aanvangen, dat voor korten tijd het licht aanschouwde, en zich nu hulpeloos alleen ziet gelaten.

2°. Dat de Vergadering de gemeenten onzer Kerk dringend verzoeke deze jonge zuster ter hulpe te komen.

3°. De Vergadering spreke uit, dat het haar wenschelijk voorkomt, dat de Vrije Kerk in Silezië en Bohemen met de OudGereformeerde Kerk in de Graafschap Bentheim en in OostFriesland in nadere betrekking komen.

Art. 225.

Naar aanleiding van dit Rapport worden eenige vragen gedaan, nadat Ds. Beuker een kleine statistiek van Röthers gemeente gegeven heeft.

Vr. Waarom wilde Pastor Röther zijne mededeelingen niet in eene publieke Vergadering doen?

Antw. Omdat veel den heer E. geldt, dien hg persoonlijk de grootste achting toedraagt, maar van wien hij toch een en ander zeggen moest, dat hij niet gaarne ter publieke kennis zag komen. Wat hij van E. zeide was echter waar.

Vr. Laat de Schotsche Kerk de gemeente van Röther los?

Antw. De Schotsche Kerk heeft met die gemeente als zoodanig nooit iets te maken gehad.

Vr. Heeft de gemeente van Röther ook een Behjdems?

Antw. Ja, den Westminsterschen Catechismus.

Vr. Is het hoor en wederhoor genoeg tot zijn recht gekomen ?

Antw. Van wederhooren is natuurlijk geen sprake. Wij hoorden alleen Pastor Röther, niet den heer E. Wij gaan uit van de onderstelling, dat de mededeelingen van R. juist zijn.

Vr. Maar begint men dan niet te vroeg met collecten?

Antw. Het lijdt geen twijfel of Röthers rapport is juist. De gemeente kan geholpen worden en zij moet het", zal ze niet te gronde gaan. Hieraan voegt een andere spreker toe: wij moeten die gemeente op staanden voet helpen. Tegen haar hebben wij geen grief. De moeite met E. kan geen beletsel zijn.

Vr. Moeten wij ook rekening houden met andere Zusterkerken, met de O. Geref. Kerk in Pruisen en de Belgische Zendingskerk?

Antw. Wij moeten het eene doen en het andere niet nalaten. Als om de twee jaren eene collecte voor de gemeente van Röther gehouden werd, gelijk dit ten aanzien van de O. Geref. Kerk bepaald is, zou zij gebaat zijn.

Sluiten