Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gedrongen door de begeerte om toch iets van dezen voormaligen Leeraar in Israël te weten te komen, plaatsten wij — daartoe door broeders in het Binnen- en Buitenland geholpen — in een Fransch, in een Duitsch en in een Engelsch Christelijk tijdschrift een korte mededeeling Tan Davidsohns geschiedenis; met het vriendelijk verzoek, om, ingeval men iets van hem wist, dat dan aan onzen geachten President, Ds. Gezelle Meerburg, te willen berichten.

Niet lang duurde het of van onderscheidene personen te London kwam de tijding, dat Davidsohn den 9 Maart 1884, door Rev. Wilkinson in de „Conference Hall", in Mildmay Park, was gedoopt, en dat Hij nog met vrouw en kinderen zich te London bevond; waar hij door het leeren van een handwerk in zijn dageljjksche behoeften trachtte te voorzien, en zich voorbeeldig gedroeg.

Verblijd over deze gunstige berichten, verzochten we vriendelijk nadere inlichtingen te mogen ontvangen, en knoopten we ook met D. zelf de correspondentie weer aan; insgeljjks hem vriendelijk maar tevens dringend uitnoodigende ons toch iets mede te deelen van zjjn geschiedenis, die hij, sinds dat de Broeders Beuker en Wielenga hem het laatst hadden gesproken, had beleefd.

Aan dat verzoek werd echter tot onzen spjjt niet voldaan. Wel kwam er antwoord, ook wel van D. zelf, maar het gewenschte licht ging niet op. Toch hadden we aan dat licht behoefte, weshave we tot den krassen maatregel moesten overgaan, om aan D. te schrjjven, dat, indien hjj de gevraagde inlichtingen niet gaf, wij ons niet langer, ook niet nnanciëel met hem konden inlaten. Die inlichtingen kwamen niet; en, gelijk van zelf spreekt, onze briefwisseling met D. was geëindigd.

Moest zulk een afloop wel tot moedeloosheid stemmen, toch konden wjj er niet toe komen om het hierbij te laten bljjven.

Na eenige maanden te hebben gewacht schreven we bn vernieuwing aan een der Broeders, die/ ons zoo welwillend ter zjjde had gestaan, n. 1. aan den Duitschen predikant Pastor Sommer, ZEw. vriendelijk verzoekende, ons iets naders omtrent D. te willen mededeelen; en o. a. ons te willen berichten, waaraan het z. i. toch toe te schrjjven is, dat D. tegenover ons zich zoo achterhoudend gedraagt.

Weldra kwam het gewenschte antwoord'in; een antwoord hetwelk in menig opzicht stof tot bljjdsChap schonk en dat deed zien, dat hetgeen aan D. was besteed niet was Verspild.

„Ich glaube heute noch", zoo schrijft genoemde Leeraar, „dasz wenn je ein Jude aufrichtig bekehrt war so ist es D. Er hat mir seine Geschichte ziemlich- genau erzahlt und ebenso seine Erfahrung als Christ, ich habe gesehen wie er als lebendes Menschen-Skelett herumlief um als Christ leben zu können und wie er bereit ist Jesum alles zum Opfer zu bringen" enz. gelijk

Sluiten