Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

tot aanneming van de'Rehoböth-kerk te Meester-Cornelis, de ernstige ziekte van br. Huijsing en echtgenoote en een eventueele Zending in de Transvaal.

Over elk dier onderwerpen hebben wij aan Uwe Vergadering verslag uit te brengen.

1. De aanneming van kweekelingen.

In het verslag op de Synode te Zwolle sprak de Zendingscommissie de noodzakelijkheid uit van de aanneming van 3 kweekelingen, en gaf haar voornemen te kennen tot dat einde eene oproeping te doen. Wij hadden toen slechts één kweekeling A. Bolwijn, daar de tweede, Veltman, vanwege zwakte onze kweekeling niet kon blijven.

5 en 7 Oct. vergaderde de Commissie te Zaandam tot onderzoek dergenen, die zich voor de Zending hadden aangeboden. Zeventien jongelingen verschenen voor de vergadering en, na ernstig onderzoek, werd er een drietal voor het proefjaar aangenomen: Cobnelis de Beuin van Hazerswoude, Geehet Jan Hekkeet van Deventer en Willem Pos van Zaandam. Dezen zijn overeen-1 komstig het besluit der Synode van Zwolle (zie art. 211) naar de Theol. School te Kampen gezonden, terwijl Prof. Lindeboom met het toezicht werd belast, en geven wat liun ijver en Christelijk gedrag betreft der Commissie reden tot tevredenheid. De Zendelingkweekeling Bolwijn zal D. V. het volgende jaar zgn eindexamen doen.

2. De komst van br. Haan. — Den 16den Augustus '83 arriveerde br. Haan met vrouw en zes kinderen uit Batavia te Amsterdam. Men kon het Haan en zjjne echtgenoote aanzien, dat hun 10-jarig verblijf onder het tropisch klimaat invloed op hun gestel had uitgeoefend. Zij vestigden zich aanvankelijk metterwoon te Kampen, van waaruit br. Haan vele gemeenten heeft bezocht, om Zendingsmededeelingen te doen. Later heeft hjj zich naar Elburg begeven.

Maar de vraag kwam bjj de Commissie aan de orde, hoe lang moet br. Haan en de zijnen in Nederland vertoeven? en waarheen zal hjj uitgezonden worden? Vooral de laatste vraag bleek niet gemakkelijk te beantwoorden te zgn en wel met het oog op den leeftijd van br. Haan, de nog altjjd zwakke gezondheid zgner vrouw en het getal zijner kinderen.

Met ernst is deze zaak besproken op de buitengewone vergadering ten vorigen jare te Utrecht gehouden. Haan naar zijne plaats te Batavia terug te zenden waar br. Huijsing niet ongezegend arbeidde, kwam der vergadering niet raadzaam voor, ook om het hoog salaris dat Haan met zijn gezin zou noodig hebben. Hem naar het binnenland van Java te zenden of naar Soemba, zou hoogst ongelegen zgn voor het onderwgs en de opvoeding zjjner kinderen. De Transvaal, vroeger genoemd, kon

Sluiten