Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't water, genas alle zieken, verdreef booze geesten, wekte dooden op

Als het tiende gedeelte daarvan in onzen zoogenaamd ongeloovigen tijd gebeurde, zou er iemand zijn, die in zoodanig iemand geen hooger wezen erkende ?

Toen beschouwden de menschen zulke zaken zeker als heel gewoon, want zonder daarover verder te spreken, gingen de duizenden die met vijf brooden verzadigd werden, naar huis; zonder aarzelen riep de schare, die zoo menigmaal van de treffendste wonderen getuige was geweest, van daag Hozanna en morgen kruist Bern l

Al willen wij ook een oogenblik aannemen, dat de wonderen waarlijk gebeuren kunnen, dan moeten wij bij die geschiedenissen onwillekeurig vragen : Waartoe hebben zij gediend ? Welk nut hebben zij gesticht ?

En die vragen zijn niet de vragen des ongeloofs, maar de vragen des verstands, dat God wil leeren kennen en liefhebben; want voor dat verstand zijn geene mirakels noodig, die tegen de wetten der natuur strijden. Ontwikkelt den mensch, leert hem de natuur kennen en die natuur omringt hem met wonderen .... een wolk van getuigen van Gods macht en liefde omgeeft hem; het stuifmeel van eene bloem, de kleinste deeltjes van het kleinste diertje doen hem vol bewondering uitroepen : „O God, wat zijt Gij groot, hoe ondoorgrondelijk zijn uwe werken!"

Na deze korte inleiding en toelichting ga ik over tot verdediging mijner stellingen.

Sluiten