Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hem die kon zeggen die Mij gezien heeft, heeft den Vader gezien, aan wien gegeven is alle magt in Hemel en op aarde, in Hem die eene verzoening is voor alle onze zonden, in wien wij hebben het eeuwige leven en de aanneming tot kinderen! de eenige troost in leven en in sterven! — Hij zelve is de grondzuil van de Christelijke kerk, haar Hoofd, haar middenpunt, haar leven! en zij die Hem erkennen als hun Hoofd, als hun Heer, die maken te zamen de kerk uit; met Hem vereenigd, door Hem geheiligd, dooi Zijn geest verlicht spreken zij hun gemeenschappelijk geloof uit in hunne belijdenis; zij mogen en moeten nu eischen dat ieder, die zich aan hen verbindt dezelfde geloofsovertuiging koestere, zij zijn verpligt het onderwijs op dezen grondslag te doen rusten, opdat er vrede wone onder de broederen van één huis; dan is er een bestuur uoodig, niet zoo als ten onregte wordt voorgesteld om te bevelen wat men gelooven moet, maar om te handhaven wat de gemeente gelooft; dan kan men niet toelaten dat eene leervrijheid besta, die de gemeente verwoest, die onder de schitterende uitspraak van vooruitgang op het gebied der Godsdienstwetenschap zegt, dat wij den leeftijd der onmondigheid ontwassen, in het tijdperk der zelfstandigheid overgegaan zijn, en die onder dien vorm het eeuwig Evangelie tegenstaat, de gewetens van hen, die daarin hun leven en kracht vinden, ergert, en bij den eisch van vrijheid voor zich zelve, vergeet dat zij met iedere poging daartoe aangewend, de vrijheid van anderen te kort doet.

Sluiten