Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en bracht haar tot Adam, en beschonk hem met haar als een Vader. Zoo vereerde de Heere, dit eerste huwelijksfeest met Zijne tegenwoordigheid. Wij lezen in den bijbel niet of de engelen er ook bij tegenwoordig waren. God de Vader, de Zoon en de Heilige Geest waren bij deze plechtigheid tegenwoordig, toen de vereeniging tusschen Adam en Eva plaats had. Zoo waren Zij naderhand ook tegenwoordig op de bruiloft te Cana in Galilea^ hoewel weinige der gasten het wisten, en meer ingenomen waren met den goeden wijn dan met hun goddelijk gezelschap. En door hetgeen ik zelf van God geleerd heb, en mijne ziel gevoeld heeft, weet ik dat Zij alle drie tegenwoordig waren, toen mijne ziel eerst ondertrouwd werd aan den grooten Bruidegom der gemeente, want toen dat gebeurde was het alsof hemel en aarde vereenigd werden. Kortom, Adams leven was een geester lijk, een goddelijk leven, door de invloeiïng des Heiligen Geestes. Het was een leven in de liefde en gunste Gods. Het was een leven in vereeniging en gemeenschap met Hem, en een leven dat overeenkwam met dien staat van heilige onnoozelheid. Maar het was verliesbaar, en voorzeker het is verloren.

Daar Gods wil aan de engelen was bekend gemaakt, of zijn besluit onder hen was verkondigd, nl. dat Adam een voorbeeld was van den Zone Gods, die in de toekomst in het vleesch zou verschenen, en dat wanneer God zijn eerstgeboren Zoon in de wereld zou brengen, al de engelen Gods Hem zouden aanbidden, Hebr 1 : 6, schijnt het dat een van hen daarover gebelgd zijnde, de anderen in zijnen opstand heeft medegesleept. De schrift zegt ons dat de satan niet in de waarheid is staande gebleven, dat hij wordt beschuldigd van dwaasheid, en veroordeeld door hoogmoed. Toen hij nu gevallen was, zocht hij Adams ondergang. En daar hij wist welk gebod God aan den mensch gegeven had, nam hij de gedaante van het listigste beest op het veld aan, en nam de gelegenheid waar, toen de vrouw alleen was, haar over het gebod Gods aan te spreken. „Is het ook dat God gezegd heeft, van alle boomen dezes hofs zult gij vrijelijk eten 2" enz. De vrouw antwoordde hem niet met de

Sluiten