Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

keurige bewaring, van zijne almagtige bescherming, en dat tegen al hunne ontrouw en bederf; tegen zoo vele afwijkingen van den Heere die zij gedurig moeten belijden; tegen zulk een geweld hnnner magtige vijanden. O! hoe zalig is het hun, wanneer zij met tranen van liefde en diepen ootmoed den Heere daarvoor mogen danken; en als terng ziende over hun afgelegd pad, uitroepen: Tot hiertoe heeft ons de Heere geholpen 1 wat zullen wij den Heere vergelden voor al zijne weldaden aan ons bewezen, wij zullen den beker der verlossing opnemen , en den naam des Heeren aanroepen — 01 welk eenen troost smaken zij uit de bewustheid van die naauwkeurige bewaring huns Vaders, in, en om Christus huns geliefden Borgs wille; onder alle smarten die hen treffen, drukken of dreigen in dit vreemdelingsland, op hunne reize naar het beter vaderland, verkwikken en vertroosten zij hunne zielen met dezelve, en dan beffen zij daarover wel eens, in God gesterkt blijmoedig aan, met den Dichter van den XXVilsten Psalm, en zingen:

Zoo ik niet had geloofd dat in dit leven,

Mijn ziel Gods gunst en hulp genieten zou, Mijn God, waar was mijn hoop en moed gebleven

Ik was vergaan in al mijn smart en rouw. Wacht op den Heer Godvruehte schaar, houd moed!

Hij is getrouw, de bron van alle goed. fioo daalt zijn' kracht op u in zwakheid neêr;

Wacht dan, ja wacht, verlaat u op den Heer!

Sluiten