Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voortvloeijen: dat hij aangespoord wordt, om, in Gods kracht met hart en daden, met gewilligheid en ijver, den Heere te dienen.

Den Heere te dienen, dit is door genade, voor eenen waren Christen het leren van zijnen Geest; trouwens hij is naar zijn vernieuwd deel, niet meer zich zei ven , maar het eigendom van Christus, die hem vrijgekocht en verlost heeft. Al zijn genoegen, rust en blijdschap, ligt in een leven voor Christus; aan Hem te denken. Hem in het verborgen te aanbidden en te danken ; zijnen lof te vermelden ; in het openbaar voor zijnen Naam en zijne zaak uit te komen; zijn beeld te vertoonen ; om zijnentwil smaad en hoon te lijden en alle dingen schade en drek te achten, zie daar de grondkeuze van het nieuwe leven.

Het is zoo, een waar Christen vertoont niet altijd dat leven; het is er helaas! verre van daan; schoon hij niet meer heerschend in de zonde leeft, echter verkeert hij te veel buiten geloofsvereeniging met , Jezus; toegevend aan de listige verleiding van het vijandige vleesch, waaruit niet zelden lusteloosheid, traagheid in het gebed, ongevoeligheid omtrent 's Heeren liefde, en een opvolgen van de neigingen der zondige natuur voortvloeijen.

Niet dat de geloovigen zich geheel van de wereld , of van menschen die in keuze en gezindheid geheel van hen verschillen, kunnen af-

Sluiten