Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

d&ér vindt gij den waren troost; daar is h^t zalig; ja daar wordt gij telkens op nieuw verzekerd van uw eeuwig geluk.

*Ö- 8Ü n'er als in een jammerdal waarin u veel kwaad ontmoet, houdt steeds in het oog, dat God, uw hemelsche Vader, en wel tot uw nut, hetzelve toeschikt. Hoe dikwerf deed Hij dit kwaad, tot de gezegendste einden voor u uitloopen. Treft u nog veel op het pad uwer vreemdelingschap; zoo door de zonde die nog in u woont, als wegens andere onaangename omstandigheden ; hetzij dat gij een zwak, pijnlijk ligchaam omdraagt, of u wegens het tij delijke, in eenen bekrompen toestand bevindt, of wel, dat gij door menschen die God niet kennen gesmaad , gehoond en veracht wordt; daar gij welligt met zulken steeds verkeeren moet, die u haten omdat gij met hen de wereld niet kunt, noch wilt dienen, en gij daar door wel eens troosteloos uitroept, hoe lang 'o Heere, hoe lang, zal ik nog in Mezech, ia de tente Kedars verkeeren! Houd moed! de ■God aller vertroostingen zal u niet begeven, of verlaten; Hij is met u; Hij, die tot Jacob zeide: Ik heb alles gezien wat Laban u doet, die ziet ook alles wat u bejegent; Hij aanschouwt de moeite en het verdriet, en kent ook hen die u verdrukken of geweld aandoen. Smeek veel om van harte gewillig en bereid gemaakt te worden tot kinderlijke onderwerping onder alles wat u drukt of dreigt; maar be-

Sluiten