Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORREDE.

Machteloosheid. — Ziedaar het woord des tijds, dat alles met moedeloosheid vermdt.

De regeering heeft geen zedelijke kracht meer. Zij moet om zich te handhaven naar de wapenen grijpen, en niet slechts tegen den vijand buiten haar gebied, maar vooral tegen de vijandelijke machten daarbinnen, die haar met omverwerping bedreigen. — En dit verschijnsel wordt niet slechts in een enkel land gezien, maar iedere regeering, vooral van de volken, die het Christendom hébben aangenomen, ziet met vrees een ontembare macht naderen, die dan niet meer te beteugelen zal zijn als ook fiet leger zich er mede vereenigt. _•»,■

Ontzettende toestand, die ons wel met bekommering mag vervullen, te meer omdat ook de Kerk niet meer instaat is deze machteloosheid te bezweren, en de volken gehoorzaamheid te leeren onder de macht, die over hen gestéld is.

Zij had daartoe de macht ontvangen, — de geschiedenis bewijst het. — Het machtige Romeinsche rijk stortte ineen

voor de bezielende macht van het levend Christendom.

Maar deze macht heeft zij verloren door zélve machteloos te worden. Zij heeft deze macht verloren door Gods openbaring van lieverlede in een omgekeerde orde te gebruiken, dan waartoe zij gegeven was.

Sluiten