Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Men heeft goddelijke heerlijkheid, heiligheid en gerechtigheid ontdekt, en nu gaat het hart er naar uit, om deze te bezitten. O, voorzeker als de afgrond van onzen afval van God ontdekt, de oogen daarvoor zijn opengegaan en de blinddoek der eigenliefde, is verscheurd geworden, ontstaat er een dria' gend verlangen naar heiligheid, gerechtigheid en waarheid; dan is er plaats voor de vierde zaligspreking: Zalig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid, want zij zullen verzadigd worden.

Ziedaar het middelpunt der zaligsprekingen; kan er iets duidelijker zgn, waaraan wij onszelven kunnen beproeven? Hier wordt het kenbaar of het goddelijk leven reeds ontstaan is in 's menschen gemoed; deze spiegel is onbedriegelijk-. Hier is zelfbedrog onmogelijk.

Hoort het, gij allen, die naar waarheid streeft, hetzij gij u modern of orthodox noemt, hier wordt u een goddeljjk kenmerk voor oogen gesteld, of gij waarlijk de waarheid begeert. De vier zaligsprekingen hebben geen ander doel dan dat dit resultaat wordt gezien: dat er een vurig, aanhoudend gebed in het gemoed wordt gevonden, dat Gods beeld weder in ons liersteld worde.

En waar de zelfzucht uit haar diepen schuilhoek is verdreven, waar een honger en dorst naar Gods gerechtigheid bestaat, daar is het nieuwe, goddelijke leven geboren.

En deze toestand kan geen voorbijgaande zgn. — Neen, want de belofte: »hij zal verzadigd worden," is aan deze zijde des grafs onmogelijk. O voorzeker, de geloovige is in Christus volmaakt, maar niet in eigen oogen. Indien Paulus zegt: »Ik jaag er naar, waartoe ik van Christus gegrepen ben," ■dan is dat jagen naar de volmaaktheid een onophoudelgk streven, dat hier niet ophoudt.

Maar de werkzaamheid des gemoeds, in deze vier zaligspre-

2

Sluiten