Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

studiën zouden uitgaan , hoe eervol getuigenis ook bevattend voor de geleerdheid en diepzinnigheid des auteurs, toch in zekeren zin op zichzelf staat en geen significant Tübingsch cachet draagt. Ook de eerste kritische operaties in recensies en kortere tijdschriftartikels te vinden, worden zeer gepast als van voorbereidenden aard in dit eerste hoofddeel ter sprake gebracht. Wel vertoonen zich hier als in kiemstaat reeds eenige beschouwingen over het aloude Christendom, die later zullen blijken tot hoogst gewichtige en — in het oog van velen — uiterst bedenkelijke resultaten te leiden, doch vooralsnog niets van dien aard doen verwachten.

Eindelijk, en dit is het derde punt waarop ik doelde, heeft de heer Heringa niet geschroomd, waar hij het noodig achtte, aan te wijzen in hoever de theologie van Baur, naar zijne overtuiging, het voldoende antwoord niet meer geeft op de vragen van onzen tijd, terwijl de heer Scheffer bf van alle oordeelvelling zich onthoudt, bf tot de taak van apologeet zich beperkt. Al ware het ook, dat Heringa's oordeel niet volkomen juist mocht genoemd worden, reeds dit, dat hij het probleem heeft gesteld, in hoever Baur kan geacht worden een voldoend antwoord te hebben gegeven op de vragen, die heden ten dage op het gebied van theologie aan de orde zijn, bewijst, dat hij zijne taak om een "critisch" overzicht te geven van Baür's arbeid, eenigszins hooger en dieper heeft opgevat dan zijn mededinger. Daarentegen mist zijne verhandeling, behalve de volledige lijst van Baur's werken, ook het naamregister, dat Scheffer's boek in bruikbaarheid zooveel doet winnen. Summa summarum, om deze parenthese te sluiten: bij vergelijking der beide verhandelingen blijkt, dat de auteur der eerste meer voldaan heeft aan de prijsvraag, in zoover zij een volledig, die van de tweede, in zoover zij een kritisch overzicht eischt van Baur's werkzaamheid.

Aan het meer kritisch karakter zijner methode is het dan ook toe te schrijven, dat Heringa's verhandeling, al werd daarin niet zooveel ruimte voor de opsomming van 's mans geschriften afgestaan, nog veel omvangrijker is geworden dan dié van Scheffer. Voor zoover nu dat kritisch element ook bestaat in het opzettelijk toetsen en staven van vele der door Baur's onderzoek verkregen uitkomsten, schijnt mij die buitengewone uitvoerigheid (Heringa's boek bevat met de aanteekeningen niet minder dan 571 bladzijden) niet in het belang

Sluiten