Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zinnige stappen. Uit eigen oogen wilde hij zien, op eigen beenen staan, zijn eigen bedaarden gang volgen. Met de zekerheid van blik hem eigen, ten gevolge van de degelijke wijze waarop hij de wetenschap beoefende, had hij de hoofdfout ontdekt, die het overigens zoo voortreffelijke werk van Strausz ontsierde. Dat gebrek bestond in de wankele grondslagen, waarop het gebouw was opgetrokken. De auteur had de voor zulk een werk onmisbare voorstudie niet ten einde gebracht. Hij had zich gezet tot eene kritische beschouwing der evangelische verhalen, vóór dat hij omtrent den oorsprong en de ge-, schiedenis der evangeliën zelve zich een heldere en welgegronde voorstelling had gevormd. Met name was hij ten opzichte van de echtheid en de historische waarde van het vierde evangelie ten eenenmale in het onzekere gebleven. Baur begreep terstond, dat van geen wezenlijken vooruitgang op dit gebied sprake kon zijn, zoolang dit Johannesprobleem niet voor goed was uitgemaakt.

Toch zouden er nog bijna tien jaren verloopen, vóór de oplossing door hem beproefd aan het publiek werd meegedeeld. In dien tusschentijd zag wel menig geschrift van zijne hand, en daaronder de van verbazende vlijt en bronnenstudie getuigende historische beschouwing van het dogma der triniteit en der menschwording Gods, in drie lijvige deelen, het licht, toch kunnen wij er zeker van zijn, dat hem de Johannesquestie daarbij voortdurend bezig hield. Hij wilde echter hier vooral, in eene zaak, die zoo onmiddellijk ingreep in het algemeene geloof der Christenen, zoo nauw samenhing met hetgeen aan milioenen het allerdierbaarst was, niets met overijling doen. Het nonum prematur in amium werd hier in letterlijken zin toegepast. Negen jaar na de verschijning van Strausz' "Leben Jesu" plaatste hij zijne klassieke verhandeling über die Composition und den Charakter des johanneischen Evangeliums in de theologische jaarboeken en maakte daarmede, wat de hoofdzaak betreft, aan de questie van echtheid of onechtheid voor goed een eind.

Ziedaar dan het derde gewichtige resultaat op den weg van het onderzoek naar den werkelijken toestand van het oorspronkelijke Christendom verkregen! Voor hem, die ooren had om te hooren en oogen om te zien, was het thans duidelijk, 'dat wij evenmin bij den vierdeu evangelist moeten gaan om den Jezus der werkelijkheid, als bij de latere paulinische brieven

Sluiten