Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

indien ik dwaal, gaarne van het tegenovergestelde wil overtuigd worden. Onze Roomsche Christenen namelijk, die ons — helaas! zeer te regt-vaak beschrijven als in menig opzigt door niets begrensd of beperkt, met teugelooze leervrijheid en onkerkelijkheid... die Roomsche Christenen zie ik daartegenover juist van alle zijden ingesloten, niet door de goddelijke Drieéénheid, maar als door het wereldsch vierkant. Aan de onderscheidene hoeken van dat knellend vierkant gebouw zie ik ter eener zijde • Den Hemelkoning en de Hemelkoningin, Christus en Maria — ter anderer zijde: Den aardschen Vorst en de aardsche Vorstin der Nieuwe Bedeeling , naar men meent: Den Paus en de Kerk zelve, als de hem onderdanige gade. De vier muren stel ik mij verder voor als ééne tusschen den Hemelkoning en de Hemelkoningin genaamd: Dienst der Engelen — ééne tusschen den aardschen Koning en Koningin, genaamd: Dienst der Heiligen _ ééne tusschen den Hemelkoning en den aardschen Koning, genaamd: Schat van overtollige goede werken — ééne tusschen de Hemelkoningin en de aardsche Vorstin, genaamd: Boetedoening en Verdiensten. Van dat gansche gebouw is verder in onzen tijd vooral, indien ik wel zie, het grootste onheil dit, dat men èn zijne vier hoeken, èn zijne vier muren weldra geheel voltooid zal hebben, of liever dat alles geculmineerd en op de spitse gedreven, en dan die culminering, dat op de spitse drijven door dogmatiseering voor immer gesanctioneerd. Laat ons ten betooge, kalm en bedaard de gansche constructie in oogenschouw nemen. Aan den eersten hoek van het gebouw stelde ik Christus, den Hemelkoning, en ik sprak daarom ook van Roomsche Christenen, hopende de laatste te zijn om hun dien Christennaam te weigeren. Wie de Roomsche kerk toch meer dan oppervlakkig kent, zal het weten hoe zij Christus beide in zijne Godheid en Menschheid, in de verzoenende kracht van zijn kruis, in zijne Opstanding en Hemelheerlijkheid en wat daar meer is, steeds ootmoedig belijdt, belijdend aanbidt en hartverheffend bezingt. Dus, zoo hoor ik, is dan op dien eersten hoek des gebouws althans niets aan

Sluiten