Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ster, Sacramenten bij uitnemendheid, met welke in waarde niets anders te vergelijken valt — en de vijf overige plegtigheden, van welke wij ons de twee volgende als in het Heilige en de drie laatsten als in het Voorhof voorstellen, formen om zoo te zeggen eene hand met vijf vingers die ons steeds naar die beide Hoofdsacramenten heênwijzen en dus eigentlijk Hulpsacramenten zouden moeten heeten.

Dat op die beide eersten, Doop en Avondmaal, dan ook alle drie de genoemde kenmerken in den volsten zin en de sterkste beteekenis van toepassing zijn, kan geen enkel Christen betwijfelen. Als geheel zelfstandige, uitwendige ligchamen of teekenen staan daar tusschen den bedienaar dier Sacramenten en hem die ze ontvangt het water, het brood en de wijn — ze staan daar dus als derden tusschen die beiden opdat daarin en daardoor de een aan den ander Christus zeiven zou geven ter inwendige heiliging . . . met welk doel juist Christus zelf ze instelde. De kerk heeft daarom dan ook altijd geleerd (al hebben lang na het niet allen altijd goed begrepen) dat Christus 1 juist in die uitwendige teekenen zweert zich zeiven aan ons te geven 2 dat Hij datgene wat Hij alzoo uitwendig en zigtbaar daarin zweert, daardoor dan ook inmiddels inwendig en onzigtbaar doet, m. a. w. dat Hij in die beide Sacramenten inderdaad (al weder, hoe dan ook) zich zeiven aan ons geeft, en wel naar en aan ligchaam en geest beide en 3 dat Hij ■ ze juist met dat doel instelde. Onheilig twee- of veelslagtig komt mij juist daardoor elke inmenging voor van iets dat Jezus zelf er niet bij verordende. Hij toch geeft zich aan den Doopeling in het zuiver Doopwater (zooals vooral blijkt uit Hand. VIH, vs. 36 en X, vs. 47.) en van zout, olie of speeksel vinden we bij gelegenheid van den Doop nergens iets geschreven — en Hij geeft zich aan den Avondmaalganger in brood en wijn, niet in brood alleen, ook niet in wijn gemengd met water, en evenmin des Zondags regelregt op eene andere of meerdere wijze als op een anderen dag, zoodat dus ook de verwisseling van altaren voor de bediening heeten mag door niets te zijn gewettigd.

Sluiten