Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goede zaad vertrouwd en geloofden van alle waakzaamheid en bezorgdheid ontheven te zijn. De vijand echter misleidt de oogen door begeerlijkheid , het hart met bonte kleuren en het vleesch met de genren van het onkruid. Satan misleidt met zijne tong het hart, en de eenvoudigheid met het gewaad van eenen Engel des lichts. De lastering van den draak hult zich in vleitaal, en de misleidende leugen, in het gewaad der waarheid. De moord verschijnt als heldenroem, en de ondeugd als manhaftigheid en kracht. Zoo zegeviert het vleesch over den geest.

Nooit is deze zege volstandigcr aan het licht getreden, dan in het Romeinsche rijk. Geen troon scheen vaster en heerlijker gegrond, dan die der Romeinsche Keizers. Hier verdedigde Satan zijne wereldheerschappij en de halve wereld offerde op zijne altaren. Gedurende drie eeuwen duurde de strijd van Satan met Christus, om dezen troon. Het bloed der heiligen vloeide voor de altaren der Caesars, in wier offervlammen zij weigerden wierook te^Wpen. De kinderen Gods, die getrouw gebleven waren tot in den dood, moesten, óf Satans knechten worden of sterven. Zij stierven! Dit door Rome vergoten bloed werd echter het zaad van het Evangelie; in zijne. grafheuvels werkte het leven Gods, en hief het kruis omhoog over alle rijken der wereld en hunne heerlijkheid!

De laatste adem van julianus is de bekentenis van Satan, dat de Held van Nazareth overwonnen heeft. Een groot getuigenis der hel!

Het Romeinsche rijk is echter niet de eenigste schijnbare zege ten tijde van Christus. De andere rijken der aarde hadden niet minder de ketenen van belial te dragen. Het Noorden van Europa is ter zelfder tijd den moordenaar van den beginne toegevallen. De oude dagen doen ons in eene hel blikken, waaraan zich slechts diegenen kunnen verlustigen, voor wie het Woord des Heeren een gesloten boek is. De Duivel werd algemeen aangebeden op aarde.

Zit niet heden nog een zoon des hemels op den troon van China , onder de banier van den Draak? Geeft niet tot heden de mensch der zonde in Thibet, als een God, zijne uitwerpsels dengenen

Sluiten