Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gclic niet van onsterfelijkheid, maar van eene opstanding, die wel in het Oude Testament verkondigd, in jezus Christus, den Eersteling (I Cor. XV) dergenen, die ontslapen zijn, werkelijk is geworden.

Door jezus nederdaling in de nedcrste deelen der aarde, opstanding en hemelvaart is de Satan in zijn rijk verstoord, zijne magt, die hij in het Oude Testament had, van hem genomen. Hij kan niet heerschen; maar hij heeft uitstel tot op den "Oordeelsdag, waarop het oordeel Gods zal voltrokken worden. Tot zoolang gaat hij nog wel om als een brieschende leeuw, zoekende wien bij zon mogen verslinden. Hij kan echter over de Christenen, geen magt meer uitoefenen ; want zij kunnen wederstaan en wederstaan hem in het geloof en overwinnen. Tegenpartij blijft 'hij tot den einde toe; maar die magt, zoo als wij die bij de bezetenen voor Christus vinden, kan in hen, die in jezus naam gelooven, niet meer werken. (II Cor. II : 10 en 11). Wij hebben kracht, middelen, zekerheid, om hem te wederstaan en hem te overwinnen. Hij heeft den boozen wil, maar siddert voor Christus en de Zijnen. Hij kan verzoeken, aan porren, door zijne hem gegeven werktuigen bedriegen en misleiden, maar de geloovigen in Christus niet overwinnen.

De Heer besteedde den tusschentijd, die van Zijne opstanding tot Zijne hemelvaart verliep, ter vestiging Zijner heilige Kerk op aarde. Dit geschiedde door uitrusting Zijner Apostelen met de gaven des Heiligen Geestes. Tot op de opstanding des Heeren konden zij het heilsplan Gods niet begrijpen. Zij waren Zijne jongeren, en hun streven was meer, om aan een'onberispclijken, zedclijken wandel te gewennen. Zelfs bij Zijnen dood, begrepen zij nog niets van het heilsplan van God en hingen met hunne verwachtingen nog altijd aan het Messias-idée der gemeenc Joden van denzelfden tijd, dat op eene oprigting van een Davidisch wereldrijk zoo tamelijk uitliep. Eerst nadat onder het kruis des stervenden Heilands, de hoop op een duizendjarig Christusrijk op aarde vervlogen was door den dood en de begrafenis van Christus, konden zij voor den zin en de kern der

Sluiten