Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gelreden. Zoo als bij elke groote daad van jezus stemmen in bet vijftiende Hoofdstuk de hemelen een inleidend lied tot lofzegging van God aan. Van hooge beteekcnis is de vermelding van het lied van mozes , den knecht van God; want het bezong de redding van Israël uit de strafgerigten, welke in Egypte de heerlijkheid Gods openbaarden.

In de volgende Hoofdstukken worden de fiolen vaa Gods gramschap over de aarde uitgestort! Alle aanhangers van den Antichrist en zij, die zijn merkteeken hebben aangenomen, worden bezocht, om den afval, de , gruwelen der afgodendienst en bet vermoorden der heiligen en Profeten.

Daarbij klinkt bestendig de boetpredikatie: «Gaat nit van haar!" Maar de geheele zamenspanning van den draak, den Antichrist, den valschen profeet en de hoere, benevens allen, die het merkteeken of het getal, of den naam, en ook deze verscheidenheid kan ?ol beteekenis zijn, aangenomen hebben: «Bekeert u niet, om Hem heerlijkheid te geven!" maar gaat voort te lasteren." (Openb XVI: 9,1 i , 21).

In plaats van zich te bekeeren, rusten zij zich tot tegenstand nit en wagen stoutmoedig met het Lam zelf, nn eindelijk als openbare verklaarde vijand van jezus christus, den strijd en bon val is daar!" Zji is gevallen, het groote Babyion, en is geworden eene woonstede der duivelen, en eene bewaarplaats van alle onreine geesten en eene bewaarplaats van alle onrein en hatelijk gevogelte. Dewijl nit den wijn des toorns harer hoererij alle volken gedronken hebben, en de koningen der aarde met haar gehoereerd hebben, en de kooplieden der aarde rijk zijn geworden uit de kracht harer weelde. En ik hoorde eene andere stem uit den Hemel, zeggende : «Gaat uit van haar, mijn volk opdat gij aan hare zonden geen gemeenschap hebt, eH opdat gij van hare plagen niet ontvangt." (Openb. XXVIII: 2—4).

Het oordeel des Zoons Gods wordt dus niet in een oogenblik voltrokken; maar in eene reeks van daden, welke allen, die nog, al ware het ook als een vuurbrand uit het vuur, zich willen laten redden, daartoe gelegenheid geeft. Zoo als in de uitleiding van Israël nit Egypte voorgebeeld is, gaan voorbereidende straffen de laatste straf-

Sluiten