Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kennen, en weten konde', hoe en op welk eene wijze Hij door hem wilde gediend, geëerd en verheerlijkt worden. — Als men slechts daarbij bedenkt, hoe die mensch, geplaatst was in Eden, waar alles wat hem omringde, hem als van zelf moest opleiden tot zijnen Maker; maar ook hoe gemeenzaam hij daar, als aan de hand van zijnen God geleid, met Hem als een kind met zijnen vader kon verkeeren, en telkens en geduriglijk door Hem kon onderwezen worden, en raad en voorlichting van zijnen Schepper kon ontvangen.

Hij moest het doen boven al het geschapene. Maar helaas! — hoe is het met dien mensch gelegen? Hij doet het niet meer — hij heeft er geen' lust in, hij kan het ook niet meer doen. Heerlijk welgeschapen naar het evenbeeld van God zijnen Maker, is hij dieper gevallen dan de worm, die kruipt in het slof; moedwillig en vrijwillig zich overgegeven hebbende, om te luistereu naar de verleidende lokstem van den vader der leugenen, dieiseenmenschenmoorder van den beginne, heeft hij zich dienstbaar gesteld den overste der wereld, den vorst der duisternis; betoont hij zich een vijand van God en zijne dienst, en zal uit zichzelven in eeuwigheid naar God zijnen Weldoener vragen noch omzien.

Maar hoe ? zegt ge, M. H! zal dan de Heer door menscbenkinderen niet meer worden gediend en verheerlijkt? Zal het dan de mensch zijn, die alleen op aarde geplaatst is om het voornemen Gods in de schepping tegen te staan, en zal dan het doel van den Schepper met den mensch zijn verijdeld ? Het zou alzoo zijn, zoo de Heere den gevallen zondaar had overgelaten aan zichzelven, zoo de Heere zelf uit nederbuigende liefde en ontferming niet op hem nedergezien en niet reeds van eeuwigheid gedachten des vredes en der genade gehad had.

Neen I het eeuwig voornemen Gods kan niet falen; wat wel onmogelijk geworden is van de zijde van den Yan Hem afgedwaalden zondaar, is van zijne zijde mogelijk geworden. Het was zijn vrijmaglig welbehagen nog door nietige aardwormen te worden groot gemaakt, en wel langs den aanbiddclijken weg, geopend in den Zoon zijner liefde, in wicn Hij uit dat diep gevallen en in adam rampzalig geworden menschengeslacht nog eenigen in ontferming hrcfl willen aanschouwen.

Sluiten