Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daartoe het oog te vestigen op den voor ons liggenden tekst. De Apostel meldt het daarin den Epheziërs, vs. 4b, Opdof wij zouden heilig en onberispelijk zijn voor Hem in de liefde; vs. 5, in, of liever lot zich zeiven, vs. 6», lot prijs der heerlijkheid zijner genade. —

Wij merken dus hier terstond weder op, dal het groote doel tweeledig is. Zoowel met betrekking tot degenen, die Hij, naar zijn eeuwig en vrijmagtig welbehagen, lot verkrijging der zaligheid verkoren heeft, als met betrekking tot zich zeiven. —

Wat het eerste betreft, namelijk, met betrekking tot hen, jegens wie de Heer in de nimmer begonnen eeuwigheid gedachten des vredes en der genade gehad heeft; het is, zegt de Apostel, opdat wij zouden heilig en onberispelijk voor Hem zijn in de liefde,

Dit groot, dier- en onwaardeerbaar voorregt zijn ze derhalve niet deelachtig geworden, omdat ze heilig waren, of omdat ze in zich zeiven boven anderen eenige meerdere geschiktheid bezaten om het te worden, maar alleen naar den rijkdom zijner ontfermende genade. Immers dit leert ons Gods onfeilbaar woord op menigvuldige plaatsen, overal waar wij het openslaan, en aandachtig en onbevooroordeeld die plaatsen beschouwen, waar ons de toestand des menschen wordt afgebeeld. Zelfs was en bleef't het getuigenis van alle Bijbelheiligen, als zij het oog vestigen op zich zeiven, dat het er verre af is, dat zij zonder zonden waren, — dat zij daarentegen geduriglijk te klagen hadden over vele en menigvuldige gebreken en afdwalingen, en bekennen moesten: wij struikelen allen in velen. Zoo Gij Heere 1 de ongercgligbeden wilt gadeslaan, Heere j wie zal voor U kunnen bestaan! Heilig, zonder zonde, verwijderd van het kwade, en in den volstreklen zin geene gemeenschap er mede hebbende, is alleen Hij, wiens naam de driemaal Heilige is. Maar de uitverkorenen zijn het in zoo verre, als ze door bet waarachtig geloofden Heere christüs ingelijfd, daardoor in de innigste en allernaauwste betrekking met Hem gebragt, ééne plant met Hem zita in de gelijkmaking zijns doods, maar ook zi|ner opstanding, maar ook van het vernieuwd, door Hem hunnen Borg en Middelaar te weeg gebragt, en hen medegedeeld geestelijk leven, en bekleed met den mantel, niet hunner eigene, maar huns Heeren geregtigheid , door wel-

Sluiten