Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gebroken bakken, schoon hjj groote liefde en genegenheid gevoelt voor Hem , in wien hij het nieuwe leven vindt en aan wien hij zijn nooden en bekommering zoo eens vertrouwelijk kan mededeelen. Bij dien is het overtuigend gevoel der zonden niet vreemd; en dezulken hebben ook medelijden, maar tevens ook blijdschap over zulk een overtuigende ontmoeting.

Maar ik zeide: ik vrees, dat mijn droefheid meer ontstaat uit benauwdheid dan over mijn zonden!

Leeraar. Het zondengevoel is de oorzaak van uw benauwdheid, omdat gij die nieuwe wet in uw leden hebt ontvangen, door den Heiligen Geest, die strijdvoert tegen de zonden, wat gij, naarmate des lichts, trapsgewijze zult leeren verstaan.

Ik zeide, dat ik dit slecht gelooven kon; indien het waarheid was, dat ik dan niet met zulke gedachten en verkeerde en nuttelooze overdenkingen zou bezig zijn, die ik overbodig acht te noemen, dat mede voor mij ook een groot bezwaar maakt, of zulks bij anderen wel plaats heeft. Niettegenstaande is het voor mij een smartelijk gevoel dien heiligen God, die mij zoolang gespaard heeft, zoo door mijn zonden te beleedigen.

Leeraar. Houd maar moed; het goede werk, dat de Heere in u begonnen heeft, zal Hij voltooien langs eenen weg, dien gij niet begrijpen kunt; het overtuigend gevoel uwer onwaarde, vanwege uw ontdekkende ongelijkvormigheid, zal u de ondoorgrondelijke liefde Gods leeren verstaan in het zenden van zijnen geliefden Zoon Jezus Christus, op aarde in het vleesch verschenen, die door zijn eigen bloed zulk een gemeente gekocht heeft van verloren zondaars, om die op te zoeken en zalig te maken langs een leiding, die voor het natuurlijke verstand verborgen blijft.

Dit mocht mij op het oogenblik vrij geruststellen, zoodat ik gemoedelijk mij vereenigde met:

De Heer' is zoo getrouw als sterk, Hij zal zijn werk Voor mij volenden. Verlaat niet wat uw hand begon, O, Levensbron!

Wil bijstand zenden. Psalm 138: 4.

Met allen welmeenenden ijver nam ik mij voor, om mij van alle zonden te onthouden, met de hoop, dat die vorige benauwdheid en bestrijdingen niet zouden wederkomen.

Sluiten