Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

staat, arbeidende om hen te doen bevatten en verlegen te maken over het kwaad, het gevaar van de zonden, de verdorvenheden en boosheid van hun natuur, de ellende van een onbekeerden staat, om hun te doen uitzien naar een ware hulp, een geneesmiddel, voorgesteld in 't Evangelie, hen af te keeren van al hun zonden tot God en met Christus in onderhandeling te doen komen, op zijn eigen voorwaarden , om te jagen naar de heiligmaking, te waken over hun harten en leven, hun lusten te dooden, hun tijd wel te besteden en zich te bereiden voor de eeuwigheid.

Deze dingen, als hij die voorts verklaarde, zooals hun verstand die het best kon bevatten, drukte hij deszelfs kracht op hun conscientiën, toonende welke groote voorrechten zij genoten, hoeveel Evangelische predikatiën zij konden hooren, welke talenten hun waren toevertrouwd en de groote rekenschap, die zij daarvan zouden moeten geven aan den God des hemels, hun zeggende hoe het met hen zou uitkomen in den oordeelsdag, indien zij naar dit alles zouden te kort komen aan de zaligheid. Hiertoe gaf hij hun verscheidene bestieringen, om die zorgvuldig te betrachten, ten beste van hun zielen.

De oprechten en godsdienstigen maande hij aan tot meerdere heiligheid, beantwoordde hun twijfelingen, ontdekte hun gevallen van consciëntie en moedigde hen aan in hun wederwaardigheden. En eer hij wegging uit de huisgezinnen, vermaande hij de hoofden, vader of moeder, en anderen, die tot jaren van verstand waren gekomen , in 't bijzonder, om hun plicht niet te verzuimen. Hierdoor leerde hij ook zijn schapen kennen en hun staat en richtte daarnaar zijn aanspraak, dat zij niet zouden nalaten met hun huisgezinnen den Heere te dienen door lezen en bidden en ook tijd af te zonderen tot verborgen plichten; dat ze teeder de eer van Christus, den welstand van de zielen hunner kinderen en dienstboden zouden zoeken en hun dagelijks in het openbaar of alleen eenigen tijd geven tot hun godsdienstplichten; en hij wilde hen niet verlaten, voordat ze hem beloofd hadden zoo te doen; en eer hij wegging, wilde hij wel ernstig voor en met hen bidden en gedroeg zich in alles wijselijk en voorzichtig, naar den toestand van tijd en zaken, die ieder huisgezin vereischte.

Hij was gewoon vijf achtermiddagen in iedere week in zulke oefeningen door te brengen, van een of twee uren tot zeven in den avond, in welken tijd hij drie of vier huisgezinnen bezocht en somtijds meer, naardat ze groot of klein waren, en ging zoo de geheele

Sluiten