Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu hartelijk eten, met vroolijkheid des harten; nochtans was hij vol van heilige en stichtelijke aanspraken, voegzaam naar den tijd «n het gezelschap, dat bij hem was. Nadat hij dus gesterkt was en hebbende gebeden met zijn huisgezin en vrienden, ging hij met den officier en twee vrienden, die hem gezelschap hielden, naar de bestelde plaats, waar zij hem beschuldigden met verbreking van de Acte van Onderwerping, door zijn gedurig prediken, sedert die wet inging; dit ontkende hij, zeggende, dat hij in geen kerk of kapel, noch in eenige andere plaats van openbaren godsdienst na dien tijd gepredikt had en dat hetgeen hij deed in zijn eigen huisgezin was en voor zulke vrienden, die hem kwamen hooren.

Toen beschuldigden zij hem, dat hij sprak voor een oproerige vergadering; hij antwoordde, dat in hun samenkomsten geen bedreigingen of gevaarlijke woorden, geen stokken of degens gebruikt werden, want dat zij niet bevreesd waren in hun werk van bidden •en prediken. Hierop begonnen zij hem te schelden en te lasteren, hem uitmakende voor een rebel en ongehoorzame, zoowel de rechters als hun vrouwen en anderen, die kwamen, om zijn onderzoekingen te hooren. Een van hen noemde hem schelm en zeide, dat hij verdiend had om gehangen te worden, en veel andere booze uitdrukkingen van bespottingen, die zij door kwade woorden gebruikten, welke, indien zij beschreven werden, maar het papier, zouden bekladden. Zij trachtten hem te verstrikken om zichzelven in 't net te brengen, maar konden niets kwaads uit zijn mond hooren; nochtans besloten zij om hem des Maandags naar 'de gevangenis te zenden, nadat ze met hem waren bezig geweest tot in den nacht.

Wanneer hij thuis kwam omtrent twee uur 's morgens, ging hij omtrent drie uren te bed liggen, en opstaande, zonderde hij zich af om met God bezig te zijn tot omtrent acht uur, op welken tijd verscheidene vrienden waren gekomen om hem te bezoeken, tot wie hij wilde prediken, of veel goeds spreken; maar de officier had last zulks te verbieden; nochtans bracht hg dien Rustdag door in kostelijke dingen te spreken tot de verscheidene gezelschappen van zijn vrienden, die uit dorp en land hem kwamen bezoeken, en bad dikwijls met hen, terwijl hij vroolijk van geest was, en verheffende Gods barmhartigheid over hen; hij sprak tot aanmoediging van allen, die hem kwamen zien, om in de zake Gods vrijmoedig te zijn tot eere van het Evangelie en ten beste van hun zielen en niet ongeduldig of mismoedig te zijn over hetgeen hem om hunnentwil overkwam. Wat hem belangde, hij betuigde, dat hij daarover niet ontsteld was,

Sluiten