Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen.

Ps. 91:1.

Toen Luther onder de hevige tegenwerking zijner vijanden op zekeren avond diep verslagen en kleingeloovig uitriep, gelijk Elia, dat hij alleen stond, richtte hij zgn schreden buiten de stad, naar de woning van een armen daglooner, waar hij een schemerend licht ontdekte. Zijn ziel was overstelpt en had bemoediging noodig; maar Gods liefde had reeds gezorgd, dat een zalige vertroosting hem verkwikken zou. Zoo waakt de Heere over zgn dienaren. Aan de hut gekomen, hoort hg den boer het gebed uitspreken; en wat was de inhoud zjjner woorden? «Dat het den Heere mocht behagen zg'nen getrouwen getuige Maarten Luther te bewaren voor twijfelmoedigheid, dat hij niet door menschenvrees mocht weerhouden worden in de verkondiging van het Woord en staande mocht blijven in zgn allerdierbaarst geloof." — Luther, getroffen door dit gebed, knielt neder, om zich met de woorden van den nederigen man te vereenigen. Hij heeft sedert bekend, dat dit gebed een middel in Gods hand geweest is, waardoor zgn wankelend geloof bevestigd werd. Wie kan het zeggen welk een invloed dit gebeurde gehad heeft op het werk der gezegende Kerkhervorming?

Die haastig is tot toorn, zal dwaasheid doen.

Spreuk. 14:17a.

Een landheer, die in het Wurtembergsche woonde, begaf zich op een schoonen morgen naar een zgner veraf gelegen akkers. Reeds meermalen had hij den rijken zegen des gebeds ondervonden en had daarom niet verzuimd ook dien morgen zgn ochtendgebed met alle aandacht en ernst te verrichten. Hij had zich vast voorgenomen, om dien dag waakzaam te zgn tegen al die zonden, waaraan hg' zich het meest schuldig maakte. Voornamelijk waren toorn en gramschap de hoofdzonden, waartegen hg' op zgn hoede moest zijn en die gedurig de overhand bij hem verkregen. In zijn morgengebed had hg' ook deze woorden tot God gesproken: „Leer mg zachtmoedig zgn jegens allen, met wie ik in aanraking komen zal, zelfs jegens dezulken, die zich tegen mij vergrijpen. Laat geen gramschap in mijn hart huisvesten, want de toorn des menschen werkt Gods gerechtigheid niet. Deze woorden der Heilige Schrift wil ik telkens mg' herinneren, wanneer ik in verzoeking word gebracht, om mijnen

Sluiten