Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

bewaarheid gevonden op een Dinsdag, tegen den avond, als ik te Zevenhuizen was.

Want toen ik 's middags bij Ds. Verbeek en zijn vrouw geweest was en wij daar te zamen gesproken hadden met nog andere godzaligen, die aldaar waren, en daar wij, overeenkomstig onzen weg en volgens de leiding des Geestes, aan elkander verhaalden hoe wij tot den Heere Jezus gekomen waren en wat de ziel van Hem kwam te ondervinden, zoodat Jezus het begin, midden en einde was van onze samensprekingen, — zoo gebeurde het, dat de godzalige leeraar Ds. van den Berg, predikant aan den Bergschenhoek, zeide, dat door godvruchtige samenspraken den Heere Jezus gelegenheid gegeven werd, om, volgens zgn belofte, in het midden van zgn volk te komen en hen te zegenen, ja, dat dit een middel was, om het hart van den Heere Jezus in te nemen, gelijk Hij zulks zgn volk verscheidene malen heeft doen ondervinden. En dit is in waarheid zoo, want dan zijn zij eerst recht werkzaam; dan wordt de stamelende tong sprekende gemaakt, die onbelemmerd tot haar Beminde gaat; ja, dan wordt Hg onder hun tong verhoogd, en dan spreken ze de gedichten uit van hunnen Koning. Nu vermeldde ik aan elk de liefde van mijnen dierbaren Heere Jezus, die meerder te achten is dan de wgn ; ik had het genoegen te zien, dat de oprechten aldaar Hem óók liefhadden, en ik ging als met den Heere Jezus uit het gezelschap, want Hg was mij door het geloof dierbaar geworden. O ! ik ging door liefde met den Heere Jezus als zwanger, gelijk Maria; ik «moest ook mgn hart in liefde uitloozen, opdat ik lucht kreeg; ik was met Elihu der woorden vol. Ik ging in den tuin achter het huis van mgn meester, om alleenspraak met den Heere Jezus te houden; ik boog mijn knieën en aanbad Hem, en door het geloof aanschouwde ik Hem als den God mijner blijdschap en verheuging; ik sprak, terwijl ik daar vóór Hem lag, de eer en den lof zijner gedachtenis; ik erkende Hem in al het heerlgke en zalige, zooals de engelen Gods Hem in den hemel aanbidden, nevens den Vader en den Heiligen Geest, die het afschijnsel is van Gods heerlijkheid en het uitgedrukt beeld zgner zelfstandigheid. Daarop kwam de Heere Jezus zich aan mij ontdekken en toonde mg, dat Hij hen, die Hem lief hebben, óók lief heeft en zichzelven aan hen zou openbaren; ik was ook een voorwerp van zijns Vaders liefde. Hg deed mij ook zgn vrede en vertroostende, vervroolijkende en versterkende liefde gevoelen, tot mgn ziel zeggende: „Ik ben uw heil geworden. Die dankoffert, die eert Mij; en

Sluiten