Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gekomen is, wanneer ik U altijd in een eeuwige gelukzaligheid aanschouwen zal van aangezicht tot aangezicht! Is het nu zoo genoegelijk, om U ten deele te kennen en U door het geloof met eer en heerlgkheid gekroond te zien, o! wat zal dat heerlijk en gelukzalig zijn, om TJ volmaakt te mogen aanschouwen en al de schatkameren met uw zalige, uitlatende liefde en uw licht vervuld te vinden en met uw beeld verzadigd te zijn, ja, U zoo gelijkvormig gemaakt te worden, om U eeuwig te kunnen dienen en heerlijkheid te geven, zonder zonden!" — Daar was schier geen kracht meer in mij; zóó was mgn ziel door het uitademen en de sterke bewerkingen als bezweken, en het scheen, alsof de Heere mg* wilde ontbinden, omdat ik het in de wereld niet meer houden kon, want ik gevoelde een sterke begeerte in mij, om uit het lichaam der zonden uit te wonen en bij den Heere in te wonen. O! dit scheen voor mij zoo zalig, want het leven was mij nu Christus en het sterven mg' gewin; doch de bestemde tgd was nog niet gekomen.

Ik kan nog niet afbreken, maar moet verder de gedichten van mijnen Koning uitspreken, doch het is maar een klein weinigje van het geheel. Het gebeurde, als ik te Waddingsveen was, om aldaar een godzalig leeraar te hooren prediken, dat mgn hart bewrocht werd door den Heiligen Geest en dat hetzelve zich vereenigde met de Waarheid, die verkondigd werd. De Heere moet toch met zijn Woord medewerken en hetzelve zegenen en vruchtbaar maken aan de harten der menschen, of het zal geen nut doen, want het is tevergeefs, schoon Paulus plant en Apollos nat maakt, zoo God den wasdom niet geeft. Doch ik werd de kracht van des Heeren Woord gewaar aan mg'n gemoed, en ik werd ingeleid in die woorden van den Heere Jezus, namelijk: „Waar Ik ben, zal ook mgn dienaar zijn." — Hierdoor werd mijn ziel in een levendige, geloovige en opgewekte gestalte gebracht, en in het nagebed van den leeraar kon ik, in den Naam van den Heere Jezus, tot God als mijnen Vader naderen, Hem in geest en waarheid aanbidden en Hem met Abel toebrengen een offerande des lofs; dat is: de vrucht der lippen. Dit geschiedde op den rustdag, wanneer ik onder den indruk van des Heeren tegenwoordigheid in de kerkekamer ging, waar verscheidene menschen bijeen waren; het werd mij gegeven, om als een boodschapper van goede tijding over de predikatie van dien leeraar te spreken, tot ontdekking en overtuiging van onsterfelijke zielen, die voor een eindelooze eeuwigheid geschapen waren, en ik toonde aan, iat wij allen eens rekenschap zouden moeten geven, hoe wij gehoord

Sluiten