Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een eeuwige liefde, wat zulk een innige wederliefde in hen doet ontstaan, dat ze niets anders begceren, dan dat de Naam des Heeren verheerlijkt worde.

En dan weten wij, hoewel Hij ze niet noodig heeft, dat die Koning Zijne instrumenten gebruikt, om als visschers en jagers te dienen en ook als bouwers aan den geestelijken Tempel.

Nu was onze begeerte, om als zoodanig in Zijne hand gebruikt te worden, opdat onze medereizigers nog een hartsterking mochten ontvangen, zich verlustigend in de stralen der Goddelijke liefde en door eenige droppolen uit de steenrots Christus nieuwen moed mochten grijpen, om met opgerichten hoofde den weg te gaan.

Daartoe zal de Koning zelve deze bladzijden moeten zegenen en dat Hij zulks doen moge, vragen wij kinderlijk en ootmoedig van Hem, terwijl wij deze onze bede nederleggen in den geloove op Zijn' Gouden Reukaltaar.

En daar de Koning in den schrijver zoo veel gebrekkigs en zondigs heeft voorbijgezien en nog nooit trouweloos werd bevonden, om zijne zonden en gebreken op de straten van Askelon te brengen, zoo hopen wij dat onze goedgunstige lezers dit exempel zullen navolgen en bedenken dat alle menschenweck onvolmaakt is.

Vraagt gij naar des Schrijvers naam? Zijn naam is bekend in den hemel en die is geschreven op den witten keursteen, die niemand kent, dan die hem ontvangt. Overigens kunt gij zijn naam dikwijls vinden in de oude oorkonden en dan moet hij zeggen dat zijne namen „velen" zijn. Wilt gij hem echter met een naam noemen, welnu noemt hem dan „Caleb", dan slaat gij zeker niet mis.

En verder heb ik hier niets bij te voegen, dan de bede dat de dierbare en door Christus zoo duurverworven Geest de lezing dezer bladzijden zegenen en heiligen moge.

De 'Oude Pelgrim

Uit mijn bidvertrek

in November van den jare 1879.

Sluiten