Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de deur van de raadzaal en verneemt wat in den tijd door Gods woord is bekendgemaakt en door het geloof omhelsd- en aangenomen als waarachtig. Lukas 8:10.

Wel fluisteren stemmen van het verduisterd verstand, klanken schril en akelig uit de verblijven der eeuwige duisternis. Wel twist de natuurlijke mensch tegen het leerstuk der eeuwige verkiezing, omdat het zijn begrip te boven gaat. Het nederig, kinderlijk, ootmoedig geloof luistert naar Gods stem, zegt „Amen" op hetgene God spreekt en hoewel het hem te hoog is, zoodat hij er niet bij kan, hij verzinkt in het onbegrijpelijke wonder van vrije genade en begint hier reeds een verheerlijker van God Drieëenig te worden. Je?. 23:21.

En wat hooren wij uit die raadzaal?

Hoe dat' bestek gemaakt werd vóór dat nieuwe gebouw naar het eeuwig voornemen in Christus Jezus. Epb. 3:11. Alles werd besloten en beraamd voordat de mensch ellendig was: de tijd en de plaats, de wijze en het jniddel..i^'MjM

De Bouwmeester is, zooals Paulus zegt, 1 Cor. 3:9: „Gods gebouw zijt gij," Vader, Zoon en Heilige Geest. De Vader verkooB de steenen tot het gebouw, de gcvall n menschen, zoo als ze daar lagen, wentelende in hun bloed op do vlakte des velds. Ezech. 16:5. Do Vader gaf hun den Zoon om verlost te worden. De Zoon verwierf de verlossing voor hen en de Heilige Geest past de verkregen verlossing aan de daartoe verordineerde voorwerpen toeHet fondament van het gebouw is Jezus Christus Diep is dat fondament gelegd in den eeuwigen raad, buiten het bereik van engelen en menschen, en toen, voor omtrent zes duizend jaren, de eerste belofte kwam, toen kwam de eerste steen boven den grond en werd deze zichtbaar voor engelen en menschen en ook de menschenmoorder zag dien eersten steen en vernam zijn vonnis dat zijn helschen kop zou vermorseld worden. Ziet, hier openbaarde zich genade in het Paradijs aan den gevallen mensch in de belofte van het vrouwenzaad. Op die beloofde genade volgde levendmakende genade, waardoor onze eerste ouders in staat werden gesteld om de belofte te gelooven. Op de levendmakende genade volgde vergevende genade en het kleed der gerechtigheid van Christus, in schaduwen vertóond in de rokken van beestenvellen, die de Heere hen aantrok. Gen. 3:21.

Sluiten