Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werken aan den bouw van bet huis, zijn ze daarom nog geen zonen. De bouwmeester heeft tot voltooiing van het werk ook stellingen, die als het huis voltooid is, worden ter zijde gelegd. Zoo zal het gaan met degenen die niet meer dan dienstknechten zijn geweest in des Heeren huis, zonder door wederbarende genade tot zonen te zgn herschapen.

Dit strekt zeer tot vernedering van de leeraars in de kerk, opdat zg zich op hunne gaven niet zouden verheffen en wanen dat gaven en genadé hetzelfde was.

Zij worden dienstknechten geheeten en behooren ook onder den inventaris van Gods volk, onder de rubriek: „alles is uwe." 1 Oor. 3:21.

Ze zullen getrouw worden bevonden, wanneer ze het gereedschap goed weten te gebruiken, als Paulus niet voorgenomen hebben iets te weten dan Jezus Christus en Dien gekruist. 1 Cor. 2:2 en slechts daarop uit zgn, dat God op het hoogst verheerlijkt en de zondaar op het diepst vernederd wordt.

"Wee den dienstknecht, die het werk Gods bedriegelijk doet, die naar eer en rijkdom staat in de wereld, die zich door geschenken laat verblinden. Hij ontvangt hier zgn loon en ah hij zijn werk verricht heeft, wordt hij als onbruikbaar geworden, ter zijde gelegd en weggeworpen.

Gaven zgn uitstekend. Paulus hangt een heele reeks op in 1 Cor. 12, doch al die gaven maken geen zonen, daarom wijst hij een weg die uitnemender is in het volgende dertiende kapittel.

Toen de Apostel nog een vervolger der gemeente was, heette hg Saulus, dat beteekent „verwoester." Maar toen de Heere hem tot een zoon had gemaakt, om te zijn een.dienstknecht in het huis zijns Gods, toen kreeg hij een nieuwen naam en werd Paulus gehe ten, dat beteekent „kleine". Dat was de eigenschap die Paulus behield tot aan zijn einde: klein voor God. En de groote Apostel moest voor God en menschen steeds erkennen dat hij de voornaamste der zondaren was. 1 Tim. 1: 15.

Een dienstknecht in Gods huis, die alleen gaven heeft, is opgeblazen, en zjjn lengte is als die van Goliath. Hoort wat een der dienstknechten zegt, die ook een zoon was in Gods huis, een zoon om er eeuwig in te blijven, zooals hij nu al in witte kleederen aan 'sKonings ronde tafel zit. Hoort zijne eigene

Sluiten