Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

des nachts valt nergens zoo veel dauw als op dezen Koning der bergen.

In verwondering en verrukking staat de wandelaar stil, die vatbaar is voor het schoone in de natuur, en wij, lage landbewoners, kunnen ons van al dat heerlijke geen denkbeeld maken; doch hoe majestueus ook dit wonder in de natuur moge zijn, als Augustinus moeten wij zeggen: „maar ik vond er Jezus niet", en de schoonheid van dien Persoon doet al het schoone in de natuur verdwijnen als sneeuw voor de zon.

Naar dezen berg bracht Jezus Zijn drie discipelen Petrus, Jacobus" en Johannes, en nam ze ter zijde alleen, waarschijnlijk naar een eenzame plek aan de glooiing van den berg. Daar werd de Christus verheerlijkt en blonk Zijne Godheid en Majesteit uit en scheen door Zijne kneohtsgestalte henen. De drie discipelen zagen Hem van gedaante veranderd; Zijne kleederen werden blinkende, zeer wit als sneeuw, hoedanige geen volder op aarde zoo wit maken kan. En Mozes aan de eene en Elias aan de andere zijde van Hem.

Wonderlijk was het gezicht, maar nog wonderlijker de beteekenis.

Mozes is de wet, die door Christus is vervuld geworden, die gezegd heeft: „Uwe wet is in het binnenste Mijns ingewands" en zoo is Hij geworden het einde der wet.

Elia stelt ons voor de beloften, die hare vervulling in Christus hebben verkregen, want in Hem zijn al Gods beloften „Ja en Amen."

En als nu de discipelen dit wonder aanschouwden en Petrus in zijne verbaasdheid drie tabernakelen wilde maken en maar altgd op den berg blijven, sprak God de Vader uit den hemel met een hoorbare Btem: „Deze is Mijn geliefde Zoon, hoort Hein." En terstond zagen zij niemand meer dan Jezus alleen.

Ziet, dat is hetgeen de Heere den waren strijder wil leeren. Mozes geeft geen vrede aan het hart en kan de ware rust niet schenken, doch in Christus is zg' vervuld, zoodat het werken aan de wet ophoudt, als Jezus zich zei ven aan de ziele geeft.

De beloften zgn droge borsten, wanneer er Jezus in gemist wordt. De belofto.is de beker, maar Jezus is de wijn en wat zal een ledige beker doen kunnen tot verkwikking of vervroolijking als er de wijn in ontbreekt?

Maar nu is het Jezus alleen. Het werken is aan 't einde, t is

Sluiten