Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nu Sabbat. De beloften zijn vervuld en nu ik dan Christus heb, nu verdwijnen Mozes en Elias beide, en al de prachtige natuurtooneelen op Thabor zijn onder den voet, en wat ik nu leve dat leve ik Christi, en Mozes blg'ft mij een richtsnoer van handel en wandel en de beloften blijven mij dierbaar, omdat ik er mijn Jezus in vind. En zoo blijft het Jezus en Jezus alleen, als mijn El-Schaddaï, dat is Algenoegzame, mijn Goël en Losser, mijn Liefste en mijn Vriend.

Nu licht de Zon des heils mij aan,

En breng genezing in heur licht: En is dan ook m ij n kracht vergaan;

Mijn zielsoog blijft op U gericht. Tan Boven komt voortaan mijn kracht. Uw naam is Liefd', Uw woord is macht.

Nu, daar mijn heupe werd ontwrioht,

Nu 'k hink tot aan mijn levens end, Beroofd- van eigen kracht en lioht,

Blijft steeds mgn blik naar U gewend. Al ben ik wanklend, onbekwaam, 'k "Weet: eeuw'ge liefde blijft Uw naam!

Ofschoon verlamd, ga 'k rustig voort Naar 't einde van mijn pelgrimsbaan,

En richt mijn aohreden naar Uw woord, En huppel vroolijk onder 't gaan,

Tot de eeuwigheid mij maakt gewis,

Hoe Liefde Uw naam en wezen is!

En wat zal nu de kroon zgn die de wettige strijder ontvangt?

Hierbij op aarde reeds genade in het hart en de goedkeuring Gods aan de ziel. Nu is alle roem aan mijne zijde uitgesloten en zijn mij de snoeren in liefelijke plaatsen gevallen, ja, is mij eene heerlijke erfenis ten deel gevallen. Nu roem ik in vrije genade, dat is mijne kroon, mijne eere, mijne blijdschap en ik weet, dat al het volbrachte werk van mijn Verlosset, mij ten goede is. Alle bergen zijn geslecht, alle dalen zijn verhoogd, het is een vlak veld geworden en, bedékt met wonden en litteekenen, in den strijd bekomen, stap ik met mijn kroon van genade rustig voort, tot ik aanlande in het land dat van melk en honig vloeit, en Mozes op Nebo begraven en Elia met vurige paarden ten hemel gevaren, gaat Kaleb met Jozua over de Doodsjordaan,

Sluiten