Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

blijven, wanneer wij van die beide getrouwe gezellen, die ons zijn bijgebleven tot aan den oever, afscheid nemen en dan... zal 't eeuwig dankbaarheid wezen.

En nu nog dit. De eene beschouwing maakt plaats voor de andere. Wij eindigen dan, met de herinnering aan een van de geestelijke plaatjes van den geestelijken Jan Luyken. Hij stelt voor een wagen waarop zich de begenadigde ziel bevindt. Aan de eene zijde van den wagen is een engel, aan de andere zijde een ezel voorgespannen. Beide trekken, doch ieder naar een verschillenden kant. Hoe harder de engel trekt hoe losser de ziel van de aarde en hoe dichter zij bij den hemel is. Hoe harder de ezel trekt, hoe meer aan 't stof gekleefd. Eindelijk wordt de ezel uitgespannen en de engel snelt vlug en vaardig met de ziel naar boven.

Ondoorgrondelijk welbehagen, Vóór aller eeuwen 'uchtenddagen, -In 't bloed des Mid'laars opgericht, Zóóveel heil reeds hier beneden, Zoo onnaspeurb're zaligheden Bestemt Ge ons vóór in 't eeuwig licht! Lof zij Uw heilverbond, eer de aard was, reeds gegrond: Amen, Amen! Voor Gods gena, rijz' vroeg en spa, Ons ongestoord Hallelujah!

Ervaringen van onderscheidene kruisdragers.

Wij lezen op bladzijde 95 hoe onze pelgrim een man weenende zag nederzitten op een steen tusschen riet en biezen. Hoe hij die wandelaar een paar dagen later ontmoette in geheel andere stemming, en hoe deze iets van zijne ervaringen aan den pelgrim mededeelde en hoe hij vervolgens, op blz. 99 beloofde, om later meer daarvan te vertellen. Deze mededeelingen volgen hier, door hem zelve opgeteekend.

En hier sta ik verlegen en begeer dat mijn mededeelingen nog mogen dienstbaar gemaakt worden aan deze of gene medereiziger naar de eeuwigheid. En dan bid ik allen, die dit lezen

Sluiten