Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den Zoon des menschen zult verhoogd hebben", en Joh. 12:32: „En Ik, zoo wanneer Ik van de aarde zal verhoogd zijn, zal Ik ze allen tot Mij trekken: verg. Hand. 2:33; 5:31, PH. 2:9; of Jezus daar niet het zelfde uitspreekt als de apostel in Hebr. 2: de dood, de bittere dood des kruises zal inderdaad mijne verhooging zijn, mijne volmaking en voleindiging als de Verlosser van Joden en Grieken: en daarom en daarin de weg tot den Troon, waarin alle geheiligden met Mij zullen zitten, opdat zij mijne heerlijkheid mogen aanschouwen, die Ik. voor hen verworven en van den Vader ontvangen heb?

Zoon des Vaders, Gij zijt wèl de schoonste aller menschenkinderen! Gij hebt gebeden: Vader, indien het mogelijk is... maar het was niet mogelijk dat U het lijden des doods wierde gespaard, dat de wrange beker van U voorbijginge! En Gij hebt dien lpenskelk onzer misdaden, U op de hand gezet, en gelaten, door Dengenen die U uit den dood kon verlossen, en verhoord heeft uit de vreeze, Hebr. 5: 7—9, ten bodem toe geledigd! Uw Naam moet eeuwig eer ontvangen! Dierbare, heerlijke, Jezus! Welgelukzalig het volk dat Hem kent, en alleen in Zijn volmaakte en alles volmakende offerande roemt!

Zonder deel aan dezen Redder geen heerlijkheid: enkel vloek en dood! Zonder deze bloedtheologie geen prediking van (Hebr. 10:11) „ingang in het Heiligdom!" Zonder dezen God die Zijn eigen Zoon den dood doet smaken: geen Theologie, Godgeleerdheid noch Godsdienst die dezen heiligen naam mag dragen! Want deze bloedtheologie heeft haar vastheid, haar „betamelijkheid", haar onveranderlijkheid in God eelven! En hangt niet aan God, aan den Theos, alle Theologie? Aan Zijn Wezen en wil, gelijk aan Zijne Zelfopenbaring in Zijn eigen Woord! Alle pogen der wijsbegeerte

Sluiten