Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Christ. Ger. Kerk heeft nu zes jaren tijd gehad van beraad. De Synode van Botterdam is in de gelukkige positie, deze kwestie nog geheel open en vrij te vinden. Zij haar de eere beschoren een begin te maken met Schriftuurlijke, Kerkvoordeelige regeling dezer zaak, welker ongeregeldheid zoo velen nabootsing voor navolging, klatergoud voor juweel doet aanzien en najagen!

Dr. Kuyper zegt in zijn Tractaat van de Reformatie der Kerken, bl. 64; na op het verschil tusschen de in de Belijdenis en in de Kerkorde genoemde Ambten te hebben gewezen; het volgende, dat wel der overweging waardig is.

„Op grond hiervan dient erkend, dat het Doctorenambt dusver nog in staat van wording verkeerde, en eerst allengs door verdere ontwikkeling van den kerkdijken toestand tot zijn recht zal kunnen komen. Bij die verdere ontwikkeling zal dan als regel dienen te gelden:

1°. dat het kerkelijk Doctorenambt geheel onderscheiden worde van de universiteitstitels aan gepromoveerde personen verleend;

2°. dat het kerkelijk Doctorschap nooit een bloote titel, waar steeds een ambt zij, ten doel hebbende om de aanstaande dienaren des Woords op te leiden, wetenschappelijk de waarheid uiteen te zetten, en de waarheid, die de Kerk belijdt, tegen ketterij te verdedigen; en wel deze drie saam, of één dezer drie;

3°. dat zulke Doctoren aan de kerkelijke seminariën geplaatst worden, liefst tegelijk met opdracht van een deel van den dienst des Woords;

4°. dat zulke kerkelijke Doctoren zitting ontvangen in den kerkeraad hunner plaats, en adviseerende stem erlangen op classis en synode;

Sluiten