Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

sterven, zoo wilde ik nog wel de vrienden van mijn gezelschap eens zien en mijn afscheid van haar nemen en betuigen hoe gezegend mij dat gezelschap is geweest, en hoe heugelijk de weg van het Evangelium is, o! ik ben niet instaat om te zeggen, wat levendige aandoening alle de Evangelische waarheden op mijn hart hebben, wat verschillen woorden van zaken, en hoe aangenaam vind ik het nu tot den Heere Jezus te gaan, ik heb altijd een gesloten mond gehad, en nu ik ga sterven, geeft God mij zoo veel. Wel laat ik nu toch spreken tot eere van de genade, want wat weet ik, waartoe God mij zoo ontmoet, of tot overtuiginge van godloozen, of tot bemoediging van kleinen als ik ben. Hierop heeft ze anders niet -gedaan dan den gan=chen dag van haar ledikant een predikstoel maken." j ,

XVI. Eerst sprak zij al de dienstboden aan van haar huisgezin, ieder even gepast naar dat zij ze kende; en wanneer dat er een van die bij haar kwam, die zeer onwetende was, zoo heeft zij haar zeer ernstig op deze wijze aangesproken onderzoekende haar eerst omtrent de eerste grondwaarheden of zij die niet kende, en wanneer ze haar daaromtrent zeer onwetende vond, zeide zij: „Ik ben zeer verlegen, en weet nauwelijks wat ik tot u zeggen zal ; kent gy de eerste waarheden niet? hoe kan er dan iets indruk op uw hart hebben? Maar denkt hoe naar en onverantwoordelijk het voor u zal zijn, onder zoo een helder , licht des Evangehums te leven, en daar u de gelegenheid aangeboden is om u te laten onderwijzen, dat gij dat versmaadt» en gij geen lust hebt om u te laten onderwijzen; de Heidenen in den dag des oordeels zullen

Sluiten