Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wets-ontwerp op het hooger onderwijs bij het Ministerie in be^ handeling was. Toen het bij de Tweede Kamer was ingediend, ontving ik daarvan een exemplaar, en vatte het plan op dit wetsontwerp nauwkeurig na te gaan. Verschillende ambtsbezigheden verhinderden echter dit plan ten uitvoer te brengen. Intusschen had in Holland eene gewichtige verandering plaats; een liberaal Ministerie kwam aan het bestuur, een nieuw wets-ontwerp werd in het voorjaar van 1869 aangeboden.

Het denkbeeld lachte mij toe beide wets-ontwerpen met elkander te vergelijken en het voor en tegen .van beiden aan te wijzen. De regeling van het hooger onderwijs toch is een zaak van zooveel gewicht, dat elke poging om de voornaamste punten toe te lichten, welkom moet zijn. Wat in Holland daarover geschreven is, heb ik gelezen en ik moet zeggen, dat niet alle vragen uitvoerig genoeg zijn behandeld; te vergeefs zocht ik naar een beschouwing, waarbij de beide wets-ontwerpen artikel voor artikel werden onderzocht en gewezen op die punten, waarop het bij de vaststelling in de Tweede Kamer aankwam. Hoeveel goeds er ook voorkomt in 't geen professor Vissering over het onderwerp schreef in de Gids, hoe juist ook de aanmerkingen zijn van den heer Naber, en die welke in de Spectator zijn opgenomen, al deze beschouwingen lijden aan hetzelfde gebrek; noch het wets-ontwerp van den heer Heemskerk, noch dat van den heer Fock worden onderzocht met het oog op de inrichting, welke men buiten Holland aantreft, en ik acht dit zeer noodzakelijk. De wetgeving in onze dagen draagt om zoo te zeggen een cosmopolitisch karakter; het eene land tracht partij te trekken van het goede, dat elders wordt waargenomen. In vragen van staathuishoudkunde haast men zich om op de hoogte te komen van hetgeen elders bestaat, en over te nemen, wat daar gebleken is proefhoudend te zijn. En zou men nu bij het onderwijs niet denzelfden weg inslaan, dien men reeds lang gevolgd is bij spoorweg-ondernemingen, bij verzekerings-maatschappijen, in het handels- en wisselrecht, bij de regeling van het munt-, maat- en gewicht-stelsel?

't Is waar, elk land heeft zijn eigenaardigheden, die men

Sluiten