Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heengaan op hun negende en tiende; maar' of het Nederlandsche gebruik zooveel beter is dan het Duitsche, betwijfel ik zeer.

Zijn de ouders vermogend, dan zenden zij hun kinderen eerst nog naar een school van meer uitgebreid lager onderwijs, een zoogenaamde tusschenschool. De minder vermogende klasse moet zich met de gewone volksschool tevreden stellen, en hoe voortreffelijk deze soort van scholen op sommige plaatsen in Nederland ook zijn, ik kan ze vooral niet hooger plaatsen dan b. v. de Volksschool in sommige streken van Pruisen, inThuringen, Baden of Wurtemberg, of zelfs in Zwitserland, waar men in de laatste jaren zich voor de verbetering van dit onderwijs zeer veel moeite heeft gegeven.

Na al hetgeen wij gezien hebben en bij nauwkeurige vergelijking met hetgeen in andere landen geschiedt, moeten wij bepaald de voorkeur geven aan het gebruik in Duitschland om de kinderen vroeger naar het gymnasium te zenden. Op een gymnasium zullen de kinderen van tien tot twaalf jaar meer vorderingen maken dan op de meeste volksscholen uit den aard der zaak mogelijk is. Blijven de leerlingen daar acht of negen jaren, dan zal men vrij wat met hen uit kunnen richten, en ook genoegzamen tijd kunnen besteden aan de natuurwetenschappen, terwijl men in een tijdvak van zes jaren alleen de meer uitstekende leerlingen die ontwikkeling zal kunnen doen bereiken, die noodig is om met vrucht de academische lessen te kunnen bijwonen.

Het leeren van de classieke talen vereischt veel ty d en inspanning; men kan moeilijk de hand lichten met dit werk, en in Nederland bestaat gelukkig nog vrij algemeen de overtuiging, dat eene classieke studie den grondslag moet vormen, waarop men het gymnasiaal onderwijs moet optrekken; alleen zulke menschen houden het aanleeren van de classieke talen voor ballast, die alles bezien door den bril van het utiliteitsbeginsel en uit de hoogte nederzien op elke hoogere beschaving. Bij de opvoeding hebben echter dezulken geen recht om meê te spreken en ik zou den wetgever beklagen, die raad vraagt aan hen, die altijd en overal de praktyk uitsluitend voorop zetten en alles en iedereen naar hun eigen be-

Sluiten