Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ging en wetgeving te maken. Bij het examenstelsel, dat zich langs dezen weg ontwikkelde, werden öf de oude voorgeschreven bepalingen voor het doctoraal examen gewijzigd en schreef de Staat voor over welke vakken het loopen moest, öf liet men het oude examen bestaan en stelde het staatsexamen in. Zoo verleende het doctoraat in de philosophische en theologische faculteit geen recht meer om zonder meer de voor die vakken aangewezen betrekkingen te vervullen; de jurist moest nog een afzonderlijk examen afleggen, vóór hij tot eene rechterlijke of administratieve betrekking benoemd werd. Niet overal evenwel heeft dit plaats gehad, en in zeer weinige landen is de scheiding consequent doorgevoerd en laat men het volkomen vrij, of iemand den graad van doctor wil verwerven, maar verbindt alleen bepaalde rechten aan het staatsexamen.

Men zal moeten toegeven, dat dit stelsel alle goedkeuring verdient. Het is zeer licht denkbaar, dat bij eene wetenschappelijke vorming iemand volkomen aanspraak heeft op den titel van doctor, omdat hij in een af andere wetenschap groote vorderingen gemaakt heeft, terwijl hij toch niet al de kundigheden bezit, die voor het uitoefenen van een bepaald beroep een vereischte zijn. Men kan zeer goed een geleerde zijn en toch de bekwaamheden missen, die noodig zijn voor het vervullen van zekere practische betrekkingen; in het eerste geval kunnen de eischen niet hoog genoeg gesteld worden ; in elk geval moet een doctor het bewys leveren, dat hij de geschiktheid bezit op wetenschappelijk gebied werkzaam te zijn, terwijl men bij het afnemen van de examina voor staatsambtenaren zich beperken kan tot het noodzakelijkste.

Op deze wijze is het mogelijk de akademie hare zelfstandigheid niet te ontnemen, en aan den anderen kant die bepalingen in te voeren, die de Staat in zijn eigen belang meent te moeten voorschrijven.

Wij kunnen ons hier niet ophouden met al het verkeerde aan te wijzen, dat het ontwerp-Fock over het afnemen van examina bevat; in het voorbijgaan zij evenwel opgemerkt, dat het ontwerp-Heemskerk , in weerwil van de vele bedenkingen, die ook hiertegen bestaan, nog verre de voorkeur verdient boven dat van ■ Fock, wat betreft de eischen en de indeeling van de examina. Ik kan de wetgevende vergadering in Nederland geen beteren raad

Sluiten