Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kelijke Commissie, 18 afgevaardigden der verschillende Synoden te zamen. Een schrijven werd den 28 Julij 1798 gericht aan alle classen, waarin de eerste proef genomen werd ter reglementaire unificatie der kerken tot ééne Kerk. Evenwel, niet zonder oppositie. Enkele afgevaardigden hadden liever het aloude systeem van federatie behouden. Langzamerhand is het idéé der unificatie gerijpt, en niet alleen in regeeringskringen, maar ook onder de kerkdijken doorgedrongen; in de Acta Depp. Extr. Zuidholl. komt b.v. telkens de uitdrukking voor: men besluit te wachten tot de finale organisatie van ons KERKGENOOTSCHAP.

Maatregelen, waarbij de Kerk van invloed op de gemeenteleden en de natie beroofd werd, „vonden aanmoediging, medewerking en toejuiching van de meerderheid der leeraren zelf", Groen v. Prinsterer, p. 732.

Toen bij den aanvang van het jaar 1809, de Provinciale Synoden als van gewoonte aan de Regeering toestemming vroegen en geld om in den loop des jaars bijeen te komen, ontvingen zij, 4 April 1809, een schrijven der Regeering, waarbij aan den éénen kant werd bepaald, dat geen Commissarissen Politiek de vergaderingen meer zouden bijwonen, maar ook tegelijk dat de werkzaamheden der Synoden door eene kerkelijke commissie of door een Synodus Contracta of zoodanige andere vergadering als in elk ressort meest geschikt zal geacht worden, zullen moeten verricht worden (Acta.Syn. Zuidh. anno 1809). Met dit jaar eindigen dan ook de particuliere Synoden; alleen Zuid-Holland kwam nog in 1810 te zamen.

In ditzelfde jaar benoemde de Minister Mollerus eene consuleerende Commissie uit Politici en Kerkdijken, die eene organisatie voor het Hervormd Kerkgenootschap, nu als één geheel gedacht, zouden ontwerpen.

In een brief aan den Minister legt de Commissie haar beginselen bloot. Zij verklaart in de eerste plaats het tot nu toe bestaan hebbend bestuur boven alle andere ver de voorkeur

Sluiten