Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van de geloovigen, en het Kerkgenootschap vormen;

3". dat de ondergeschiktheid der locale gemeente aan het geheel wordt uitgesproken;

4°. dat lastbrieven worden afgeschaft, zoowel in classe als in Synode; men stemt naar zijn beste weten, vrij en zonder ruggespraak ;

5°. dat de Synode niet bevoegd zal zijn verandering te maken in de aangenomen leer en liturgie; noch in hare beslissingen noch in hare oordeelen zal zij hiervan mogen afwijken; en eindelijk

6». dat de leden der Synode voor drie jaar zouden benoemd worden.

Na opsomming van al die nieuwigheden, moet tot eer dier Commissie gezegd worden, dat zij in haar begeleidend adres aan den Koning zeide: Het is ons bedenkelijk voorgekomen of de vereeniging van al die verschillende gemeenten onder één bestuur bepaald aan uwe Majesteit kan aangeraden worden, althans voor dat dezelve er over gehoord zijn.

Wat de Weselsche artikelen voor de latere kerkorden geweest zijn, kan in zekeren zin van dit concept voor de nu volgende organisatiën gezegd worden.

Wat er van het concept zou geworden zijn, waren de tijden niet veranderd, en of de gemeenten zouden gehoord zijn, is onzeker; nog hetzelfde jaar werd Nederland bij het Fransche Keizerrijk ingelijfd.

Ook toen werd een poging gedaan tot reorganisatie der Kerken. 24 Februari 1812 werd eene nieuwe commissie benoemd , bestaande, wat de gereformeerden betreft, uit de Heeren Mollerus, Prof. te Water, en Delprat. Aan de commissie werd voorgelegd een concept van D. J. Jansen, die van nu aan zooveel invloed heeft gehad. De politieke gebeurtenissen in die veel bewogen jaren, verhinderden een definitief besluit. In het laatst van November werd de Prins van Oranje als redder ingehaald en 1 December als Souvereine Vorst te Amsterdam gehuldigd. Nog in dezelfde maand werd van Stra-

Sluiten