Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Koning bekrachtigd, goedgekeurd en uitgevaardigd, terwijl aan alle bestaande Besturen werd aangeschreven, alle loopende zaken vóór i April van dat jaar af te doen.

Wat is nu volgens de Organisatie van 1816, wier geboorte wij beschrevén, de verhouding der locale gemeenten tot de Ned. Herv. Kerk in haar geheel?

i». In tegenstelling van alle gereformeerde beginselen van kerkorde begint de nieuwe organisatie van boven naar beneden. Afd. I, waaróp wij nader terugkomen, behelst algemeene bepalingen; ,, II handelt over de Synode;

III over de Provinciale Kerkbesturen; ,, IV over het Classikaal Bestuur;

V over de Waalsche, Schotsche en Engelsche kerken; VI over de ringen en derzelver bijeenkomsten; ,, VII eindelijk over het Kerkbestuur in de Gemeenten. 2°. Het Kerkgenootschap gaat voorop: Tot het Hervormd Kerkgenootschap behooren allen, die op belijdenis des geloofs zijn aangenomen of in de Hervormde Kerk gedoopt zijn.

3». Van de kerken of locale gemeenten wordt eerst in art. 13 gesproken, en wel om te bepalen dat Waalsche, presbyteriaansche, Schotsche en Engelsche, zoowel als de Nederduitsche behooren tot hetzelfde geheel en onder hetzelfde bestuur geplaatst zijn. Wel bepaalt art. 14 dat die bijzondere gemeenten, ' naar hare bijzondere omstandigheden haar huishoudelijke inrichtingen mogen hebben; onder de reserve: mits deze inrichtingen niets behelzen wat strijdig is met die eenheid in beginselen en gelijkvormigheid in hoofdzaken , welke de kerken als onderscheidene deelen van hetzelfde geheel behooren te kenschetsen.

4°. Het Bestuur wordt gezegd Synodaal, Provinciaal, Classikaal en Gemeentelijk uitgevoerd te worden.

50. Op verandering in het Alg. Regl. moeten de Provinciale Kerkbesturen gehoord worden, maar zonder de goed-

Sluiten