Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het zal iemand, die eenigszins met de geschiedenis van het Christendom op de hoogte is, niet verwonderen, dat er in het jaar 1939 in ons vaderland verschillende geschriften over den Apostel der Friezen Willibrord verschijnen. Op 7 November van het jaar 1939 zal het immers twaalf honderd jaren geleden zijn, dat Willibrord, na een moeizaam en vruchtbaar leven in dienst der zending, waarschijnlijk in de Abdij Echternach, overleed. Voor ons land hebben wij aan dezen merkwaardigen man zóóveel te danken, dat er zeker alle aanleiding bestaat om zijn beeld nog eens in onze herinnering op te roepen.

Er komt nog een tweede bij. Zooals wij allen weten, zijn er tegenwoordig, vooral in Duitschland, heel veel menschen, die in de overtuiging leven, dat het Christendom nooit aan de Germanen had moeten worden gebracht. Hadden de Germanen zich geheel zelfstandig, zonder invloeden van buiten, kunnen ontplooien, dan zou er hier een eigen cultuur en een eigen geestesleven van Germaansch type zijn ontsproten en zouden niet allerlei typische Germaansche krachtbronnen door import van buiten als het ware zijn verlamd. Men meene niet, dat degenen, die over de oude Germaansche zending zoo denken, alleen in Duitschland worden gevonden. Ook in ons vaderland kan men van tijd tot tijd deze opvatting hooren verkondigen. Des te meer reden is er om in dezen tijd bij een groote figuur als die van Willibrord stil te staan.

Helaas is het bij den toestand der bronnen niet mogelijk om tot een scherp beeld van zijn persoon en van zijn prediking

Sluiten